Sponsors

De hoofdsponsor van onze club is:

verslagen

15 september 2013

 

De Godenzondes zijn niet meer, leve De Goddelijke Kanaries!

 

Soms zijn bier en bitterballen om kwart voor twaalf in de morgen lekker,...soms niet.

Eigenlijk diende het zich al een tijdje aan en het was natuurlijk ook onvermijdelijk, maar toch is het voor veel mensen ongetwijfeld een vreemde gewaarwording. Zeer vermoedelijk ook voor u. De Godenzondes zijn niet meer! Over en sluiten, boek dicht. Het eens zo roemruchte team onder leiding van het succesduo Van Bree/ Bree met klasbakken als Romano uit het Westen, Mauro Badpak, Dik Lee Steunkous en Wim Reer bestaat gewoon niet meer. De Godenzondes zijn onthoofd, ontrafeld, uiteengevallen, ontbonden, uitgeroeid.

 

Maakt u zich echter geen zorgen. De voetbalvereniging Veelerveen heeft nog altijd een tweede elftal binnen haar gelederen hoor. Het heeft alleen een dusdanige verjongingskuur ondergaan dat het team de eretitel van Godenzondes niet meer rechtvaardigt. Het seniele corpulente gedeelte is namelijk weggesaneerd. Als een etterende uitpuilende cyste uit het jonge malse vlees gesneden en achteloos in een grijze kliko genaamd het derde elftal van de voetbalvereniging Veelerveen geslingerd. Grijs, etterend, overbodig, niet recyclebaar. En dat waren nou net de kenmerkende termen die De Godenzondes tot De Godenzondes maakten.

 

De Godenzondes zijn niet meer, leve De Goddelijke Kanaries. In mijn niet aflatende zoektocht naar een passende naam voor het derde elftal van de voetbalvereniging Veelerveen stuitte ik eigenlijk telkens weer op diezelfde toepasselijke naam. De Goddelijke Kanaries. De Goddelijke Kanaries als in La Seleçao, de selectie van het nationaal Braziliaans voetbalelftal. De gelijkenissen zijn immers treffend. Geel shirt, voetbal om emotioneel van te worden, rustig tempo, alles op techniek, geen oeverloos gedraaf en gehuppel, af en toe een hakballetje, overstapje, boude uitspraken, gezonde dosis zelfvertrouwen, altijd meedingen naar de titel en genieten van het leven.

 

Het is nog geen half negen in de ochtend als de eerste Kanaries de kantine op het Erik Rouppé-sportpark in Veelerveen binnensloffen. “Kovvie kloar, Geert? Dou mie den mor ee’m draaie en rap een beetje.” Ik weet uit ervaring dat onze voorzitter, annex terreinknecht, annex kantinejuffrouw, annex grensrechter, annex jeugdscout er niet van houdt dat ik zo tegen hem praat. Het gevolg is dan altijd dat Geert ogenschijnlijk onbewogen en slaapverwekkend traag drie bekertjes vol laat druppelen. Komt goed uit want ik heb een pesthekel aan drukte in de ochtend. Helemaal op zondag. Over drukte gesproken: “Ik denk dat wie precies met elf man binn’n”, blèrt Wubbo Z-side Mulder plotseling in mijn rechter oor. Ik schrik mezelf zowat een nekhernia, maar realiseer me meteen dat ik dan hoogstwaarschijnlijk een basisplaats zal hebben. “Hou is dat nou toch in Godsnoam meugelek Wubbo? Op papier hebb’n we achtentwintig man!”, bits ik hem terug. “Klopt”, zegt Wubbo, “mor Leo belde guster oaf. Last van jicht of zo en Alex stond er wel bie, mor komt nait. Foutje”. Achtentwintig min twee is bij kanaries blijkbaar elf.

 

Als we een dikke veertig minuten later nog steeds met een mannetje of zeven met onze handen in de zakken in een kringetje staan wachten op de rest, word ik toch een beetje onrustig. Ondertussen heeft Wubbo Z-side Mulder telefonisch contact met de ergens in de provincie rondtoerende René Oetdhaaijer en Janske Zwaarman. Wubbo fungeert bij het derde elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, De Goddelijke Kanaries, als een soort Andries Jonker destijds bij Gekke Lowietje in Barcelona. Andries had ook altijd een grote mond, geloofde zelf heilig dat hij invloed kon uitoefenen op wat en wie dan ook, stond altijd vierkant achter zijn idool Gekke Lowietje van Gaal, maar in feite had Andries zeer weinig tot helemaal niets in Lowietjes melk te brokkelen. Beetje de waterzak vullen, ballen opruimen en na de wedstrijd de vuile shirts van de kousen en de broekjes scheiden. Met Wubbo Z-side Mulder is het eender. Wubbo roept bijvoorbeeld te pas en te onpas tegen mensen dat ze er de volgende wedstrijd om uiteenlopende redenen naast zullen staan, maar feitelijk is er maar één persoon die daar over beslist en dat is onze trainer/coach Jan Leidt. We laten Wubbo meestal gewoon lullen. “Oh? Janske en doe binn’n onderweg noar Moid’n? Dat is hail mooi, want den hebb’n we weer dattien, als Der Bomber Sauer tenminste ook komt. Mor woar is Patrick den weer?.” Wubbo is de draad kwijt. Niet veel later vertrekken we inclusief Wubbo, maar zonder Patrick in de richting van Meeden voor de uitwedstrijd tegen de vv Meeden 3. Geen hond die weet met hoeveel we straks zullen zijn, maar dat mag de pret natuurlijk geenszins drukken. Het doet er toch niet toe.

 

Al na tien minuten spelen hadden wij spelers van het derde elftal van voetbalvereniging Veelerveen, De Goddelijke Kanaries, op een riante voorsprong kunnen staan. Dotten van kansen waren echter vooralsnog niet aan Romano uit het Westen en De Boomlange Torres jr. besteed. Bal van een metertje of acht op de pantoffel, vijf meter over het doel, drie meter over de vangnetten, met een fraaie pisboog over het skoekeloen en plons de vijver in. Jammer, volgende keer beter. In de veertiende minuut was het gelukkig wel raak. Romano uit het Westen ontsnapte na een dieptepass van Graatje Dekker aan de Meedener verdediging en schoot beheerst raak. Niet veel later tekende diezelfde Romano uit het Westen zelfs de 0-2 aan. Ook in de fase die daarop volgde bleven we de wedstrijd domineren en kregen we een aantal goede mogelijkheden om de score verder uit te breiden. De grootste kans was voor Graatje Dekker. Hij pegelde een op slag van rust gegeven strafschop echter over de kruising in de richting van de N33. Jammer Graatje. Volgende keer beter, ruststand 0-2.

 

Tijdens de rust vergelijkbare taferelen, zoals we die ook bij de Godenzondes gewend waren. Romano uit het Westen die een aantal tabakjes binnen een kwartier wegwerkt, boeiende debatten over bijvoorbeeld de aanstaande miljoenennota en de tragische toestanden in Syrië, coach Jan Leidt die zijn tevredenheid uitspreekt maar toch ook kritisch is. Wubbo Z-side Mulder die hem opzichtig jaknikkend gelijk geeft en Janske Zwaarman die meerdere indrukwekkende salvo’s uit alle gaten van zijn lichaam laat vertrekken. Pffffffffrrrrrrrrrrrrrrrt, buuuuuuuurp, hihihihi. Dorpsgek. “Zouden ze daar ook wereldkampioenschappen van hebben?”, vraag ik me zo maar af.

 

In de vijfenvijftigste minuut kwamen we op een veilig ogende 3-0 voorsprong door de in de rust ingevallen doelpuntenmachine Der Bomber Sauer. Toen Meeden 3 echter gedurende een sterke fase, na eerst nog een keer de paal te hebben geraakt, de 1-3 liet noteren werd het toch een beetje onrustig bij De Kanaries. De geoliede machine van trainer/coach Jan Leidt haperde enigszins en oogde plots een beetje fragiel. Het was Der Bomber Sauer in hoogsteigen persoon zelf die aan die onzekerheid een einde maakte door middel van twee prachtige doelpunten. De eerste was een tegendraadse kopbal die met een sierlijke boog over de Meedener doelman tegen de touwen verdween en de tweede was een harde schuiver van dichtbij na een prachtige actie van Romano uit het Westen. Eindstand 1-5.

 

Eén wedstrijd gespeeld, drie punten, lijstaanvoerder in de reserve zesde klasse 21(!). Volgende week thuis tegen ASVB. Geen idee wat ons te wachten staat en met hoeveel spelers we zullen zijn. Meestal weten we dat overigens zelfs na de wedstrijd nog niet. We hebben in ieder geval goede hoop dat trainer/coach Jan Leidt (en Wubbo) weer minimaal elf mensen weten op te trommelen…..

 

Opstelling Godenzondes:

 

Arjan Redt, Wim Reer, Erik Rouppé, Appie N. Jakob Dijkhof (46. René Oetdhaaijer), De Boomlange Torres (70. Patrick Veldhuis), Graatje Dekker, Wubbo Z-side Mulder, Folcao, Romano uit het Westen, Janske Zwaarman (46. Der Bomber Sauer)

 

Statistieken:

Toeschouwers: 14.

Kanarie of the match: Der Bomber Sauer (ijzingwekkend).

Citaat van de dag: “Dei man waarkt denk ik in een chemisch fabriek” (Wim Reer over een Meedener middenvelder).

 





April 2013

 

Godenzondes update: drie maal drie is negen zonder waarde

 

Soms is bier op wat voor tijdstip van de dag dan ook lekker,………….soms niet.

Ja, ja, rustig maar vrienden! Ik weet het zelf ook wel. Voor de zoveelste keer in relatief korte tijd mijn welgemeende verontschuldigingen aan al mijn trouwe volgers die mij en mijn verslagen node hebben moeten missen. Ik heb jullie ook alle drie heel erg gemist. Echt waar. Ik hoor jullie nu denken: “Juist op het moment dat onze Weergoden eindelijk een beetje mee lijken te werken, juist op het moment dat het voorjaar schoorvoetend ontluikt, op het moment dat de tulpjes spontaan beginnen te ontspruiten, op het moment dat het stuifmeel opgewonden van stampertje naar stampertje dartelt, de bijtjes driftig zoemen, de pollen opgetogen langs natte niezende Veenkoloniale neuzen dwarrelen, de verschillende amateur voetbalcompetities allemaal zullen gaan eindigen in één bombastische orgastische climax, geeft Erik Rouppé weer eens nul op het rekest. Nul komma nul verslagen. Lente, groene blaadjes, bioritme in de war, korte rokjes, soort van collectieve sportieve gangbang, maar van Erik Rouppé geen teken van leven. Geen spoor van hem te bekennen op het moment suprême”. Net als thuis, maar dit graag even terzijde. Voor de laatste keer aan al die mij lief hebben en zijn: SORRY!! Hierbij een ultieme, als zeer vermoedelijk niet minder vruchteloze, poging om het één en ander in een extra lange drieluik weer recht te breien. “Wiedergutmachung”, zouden onze oosterburen zeggen. Net Horst Tappert, maar dan anders………..

 

07 april 2013 Godenzondes – B.N.C. 2; eindstand 10-2

 

Nee hoor, het is geen tikfout en er mankeert u ook niets aan uw ogen en/of rijk gevulde hersenpan. Het werd echt 10-2 in het voordeel van de spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes. Wéér een record naar de filistijnen. Onder leiding van het duo Van Bree/ Van Bree hebben we er nogal wat gebroken de laatste jaren. Grote hoogtes, diepe dalen. Zo pakten we begin vorig seizoen voor het eerst in de historie de koppositie in de reserve derde klasse F na een eclatante 7-2 overwinning uit bij de embryo’s van de vv Haren 2. Het was natuurlijk wel van uitermate korte duur en omdat een aantal ploegen ongeveer een wedstrijd of vier minder had gespeeld op dat moment, maar toch. We hebben de afgelopen seizoenen een keepertje of drieëndertig ingepast en vervolgens achteloos weer van de hand gedaan. Of ze stapten zelf op (rare snuiters). We hebben dit seizoen een absoluut record gevestigd met betrekking tot het aantal al dan niet zichtbare blessures bij diverse Godenzondes. Mauro Badpak verbrak daarmee en passant een individueel record. We behaalden recent als gezegd de grootste naoorlogse overwinning en van september tot aan februari wisten we daarentegen niet één klein flutwedstrijdje tot een goed (lees: winnend) einde te brengen. Bijna een half jaar lang alles op onze Goddeloze kloten, maar elke zondagochtend wel gewoon weer de wei in, met de bek in de plenzende regen. Ook een record…….

 

Nog voor Wim Reer ook maar een bal had aangeraakt, stond het 5-1 in het voordeel van de Godenzondes. Wim deed niet mee. Iedere aanval werd met ogenschijnlijk groot gemak gepromoveerd tot eendvogel. Hoe is het in hemelsnaam mogelijk. Ik zelf heb werkelijk geen idee, alles leek zomaar ineens op zijn plek te vallen. Niemand die het begreep. Maar wat je niet begrijpen kan, moet je bewonderen en dat deden we dus ook met zijn allen in de rust. Ruststand 5-1.

 

Tijdens de rust de gebruikelijke verrichtingen: Romano uit het Westen die een compleet arsenaal aan traditioneel gerolde sjekkies naar binnen staat te hijgen alsof zijn leven er van afhangt, onze doelman Arjan Redt waar weinig op af te dingen valt, veel Godenzondes die het verdriet met betrekking tot het gemis van onze voormalige doelman Cherjan toch nog niet helemaal verwerkt lijken te hebben. Het is ook zo’n somber gezicht. Die lege plek en dan die naargeestige witte tegeltjes aan de wand. “Zou hij monarchist of republikein” zijn, vraag ik me plots af. We zullen er misschien wel nooit achter komen. “Als ik zo doe”, zegt Mauro Badpak (en hij probeert in spreidstand zittend met zijn hoofd tegen de muur, pens vooruit, holle rug, een intrapbal precies boven zijn bilnaad op zijn stuitje te friemelen) “dan trekt het enorm in mijn liezen en rond mijn rectum”. We adviseren Mauro om voortaan dan maar geen ballen in de buurt van zijn liezen, bilnaad of rectum te laten komen en verlaten de kleedkamer weer voor de tweede helft.

 

De tweede helft gingen wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, onverdroten verder met waar we gebleven waren: scoren. Ook na de pauze lukte alles en werd er hoegenaamd niets weggegeven. Eindstand zogezegd 10-2, doelpuntenmakers: 1-0 Just In, 2-0 Just In, 3-0 Martin Oprisping, 4-0 Martin Oprisping, 5-0 Mauro Badpak, 6-1 De Clown, 7-1 Aron Armando Ammersken, 8-1 Romano uit het Westen, 9-2 Martin Oprisping, 10-2 Just In.

 

Door deze overwinning komen we op een nog steeds troosteloos puntentotaal van slechts negen. Klinkende overwinning, zoete wraak op Vito Andolini Corleone. Voelt fijn, maar wat heb je er aan als geen dode hond zich in jou interesseert en je niet meer degraderen kan, niet meer promoveren kan of geen kampioen meer kunt worden? Het is vermoedelijk ons lot. Volgende week woensdag uit naar Bellingwolde 2, inhaalduel. Maale ploug zou Jan Zuurman gezegd kunnen hebben………

 

Opstelling Godenzondes:

Arjan Redt, Erik Rouppé, Renhard Moet, Aarswin v/d Boom, De Clown, Rambo Sprik, Mauro Badpak, Aron Armando Ammersken, Just In, Romano uit het Westen, Martin Oprisping

 

Statistieken:

Toeschouwers: 13?

Godenzonde of the match: Martin Oprisping (als een mes door de boter)

Citaat van de dag: “Ik heb zowat nog goin baale had” (Arjan Redt in de rust)

 

 

 

17 april 2013 Bellingwolde 2 – Godenzondes; eindstand 2-4

 

Bellingwolde 2 uit, ach ja Bellingwolde 2 uit. Waar zal ik eens beginnen? De real-life-ellende begon eigenlijk al op 1 april 2012. De uitwedstrijd van het vorig seizoen dus. Toen we daar destijds scheel en stijf van de door ons bloed gierende adrenaline een dikke vijf minuten voor aanvang de wedstrijd arriveerden, bakje koffie, drie keer schijten, bleek dat er helemaal geen scheidsrechter aanwezig was. Weg adrenaline, weg scheelheid, weg stijfheid. Wie vervolgens dacht dat heel Bellingwolde en omstreken in rep en roer was om toch nog allengs een scheidsrechter uit de Grenshof of zo te rijten, die had het faliekant mis. Geen Bellingwolder sterveling die er anders van werd. “Moi jongens, hou is het? Goud, mit joe den? Ook goud. Wat heur ik, goin scheidsrechter? Klopt! En nou den? Goin idee. Is er misschien ook oine dei aargn’s achteraan belt? Goin idee. Is er noit oine van het bestuur aanwezig dei wat regel’n kin? Goin idee. Wel regelt normoal dit soort zoaken den bie joe? Goin idee. Woar is joen loider? Goin idee. Is er nou in hoil Bellingwolde noit oine dei zin en tied het om te komm’n floit’n? Goin idee.” Einde geanimeerd gesprek. Vervolgens bleef het hele zaakje al roerend in een bekertje koffie of met de beide handen in de zakken rustig voor zich uit staan loeren. Niemand die wat deed, niemand die druk werd, niemand die nerveus werd, niemand die boos werd, niemand die het blijkbaar wat schelen kon. We maken het allemaal mee in de reserve derde klasse F. Uiteindelijk werd Haarlemmer Olie Jan Geertsema geslachtofferd en die slechtte het klusje met verve. Dat dan weer wel. Na de wedstrijd bleken de douches tot overmaat van ramp ook nog steenkoud. Koude oorlog? Tot zover het vorig seizoen.

 

17 April 2013, woensdagavond. Scheel en stijf van de door ons bloed gierende adrenaline arriveerden we een dikke vijf minuten voor aanvang van de wedstrijd op Sportpark Bellingwolde. Bakje koffie, drie keer schijten, tied zat. “Wat zegst nou, kantine is dicht? Hou kin dat den? Goin personeel? Oh? Dat is ook noit mooi. Er is trouwens ook nog goin scheidsrechter. Wat???? Alweer goin scheidsrechter???? En nou den? Goin idee. Is er misschien ook oine dei aargn’s achteraan belt? Goin idee. Is er noit oine van het bestuur aanwezig dei wat regel’n kin? Goin idee. Wel regelt normoal dit soort zoaken den bie joe? Goin idee. Woar is joen loider? Goin idee. Is er nou in hoil Bellingwolde noit oine dei zin en tied het om te komm’n floit’n? Goin idee.” Einde geanimeerd gesprek. Vervolgens bleef het hele zaakje met de beide handen in de zakken (even voor Steven Mb Sonnema en alle blondines onder u: koffie was er niet te krijgen aangezien de kantine dus niet open was) rustig voor zich uit staan loeren. Niemand die ogenschijnlijk wat deed, niemand die druk werd, niemand die nerveus werd, niemand die boos werd, niemand die het blijkbaar wat schelen kon. We maken het allemaal mee in de reserve derde klasse F. Uiteindelijk werd Haarlemmer Olie numero 2 Lubbert Oosterveld geslachtofferd en die slechtte het klusje met verve. Dat dan weer wel.

 

Net als in de wedstrijd tegen het Finnewolmer B.N.C. 2 begonnen we uitermate efficiënt aan het treffen met de roodwitte grensbewoners zonder kantinepersoneel. De eerste de beste vloeiende aanvallen leverden subiet een tweetal treffers op. Eerst prikte Renhard Moet raak en vervolgens was het de beurt aan Martin Oprisping. Een grote overwinning leek al weer in de maak toen uw bloedeigen verslaggever in eendrachtige samenwerking met gelegenheidsdoelman Wim Reer gruwelijk in de fout ging. Hij poogde een diepe stuiterende bal voorzichtig op Wim terug te spelen, maar deed dit wat aan de zachte kant. Verstijfd van schrik bleef hij staan in de hoop dat Wim als een dol geworden idioot uit zijn kooi zou komen stormen om het zaakje nog te kunnen redden, zoals eigenlijk alleen Dik Lee Steunkous dit vroeger zo goed kon. Dik was een kei in het als een randdebiel uit zijn doel rennen. Dik liep alleen nooit naar voren, maar naar de zijkant, waardoor hij telkens met zijn bolle hersens tegen de doelpaal opbotste. Grote knal, Dik plat, kopzere, doel scheef. Wim had de bal misschien nog in de richting van de gesloten kantine kunnen rammen, maar hij deed niets. He-le-maal niets. Of je moet met de beide voetjes op de grond staan wortelschieten in de harde Bellingwolder bodem willen scharen onder “iets doen”. Wim, met een oogafwijking van minus drie of zo speelt altijd zonder lenzen of bril. Kan best, vindt Wim. Later verklaarde hij geen diepte te kunnen zien door de invallende duisternis of zo. Best een creatieve verklaring van Wim, maar het laat natuurlijk niet onverlet dat de terugspeelbal gewoon te zacht was. Spits Patrick van de roodwitte grensbewoners zonder kantinepersoneel was er als de kippen bij, 1-2. Het spelpeil aan Godenzonder kant daalde daarna weer eens een keer aanzienlijk, waaroor het nog voor de rust 2-2 werd.

 

Tijdens de rust de inmiddels zo bekende taferelen. Romano uit het Westen die stilzwijgend, maar roggelend en kettingrokend zijn voetbalschoenen uitdoet. Hij heeft het blijkbaar wel gezien en simuleert in allerijl een enkelblessure. Hij wordt ook te oud voor die onzin. Jongeling Patrick die mij zonder iets te zeggen duidelijk maakt dat dit zeker ook voor mij geldt. Klopt Patrick. Aan de andere kant ben ik er wel gewoon elke zondagochtend. Het gemis van onze voormalige doelman Cherjan die een niets ontziende leegte achterlaat in de kleedkamer. Pijpenkrulletjes tongpiercing, lelijk roze keepershirt, onverstaanbare halve zinnen, ik zie hem nog zo voor me. Ik koester de momenten die we samen hadden. “Als ik zo doe”, zegt Mauro Badpak (en hij probeert hangend aan de kleedkamerdeur met het hang en sluitwerk tussen zijn benen een vogelnestje te maken) “dan voel ik een hevig stekende pijn in mijn scrotum”. Kan kloppen Mauro, laat die deur nu maar met rust.

 

In de loop van het tweede bedrijf kregen we het moeilijker en moeilijker. De roodwitte grensbewoners zonder kantinepersoneel gingen nadrukkelijk op zoek naar de winnende treffer en zoals zo vaak viel hij aan de andere kant. Het zit ons blijkbaar mee. Een razendsnelle counter eindige bij windhond Jongeling Patrick, die vrij voor de Bellingwolder doelman raak prikte. Het was uiteindelijk collega jonge windhond Maiko Hommes die het duel definitief in het slot gooide. Eindstand 2-4.

 

Na de wedstrijd waren de douches natuurlijk weer steenkoud (what’s new), maar was er gelukkig wel kantinepersoneel van de straat geplukt. Hulde aan hen die te hulp waren geschoten om ons, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, gelukkig toch nog van de nodige consumpties te voorzien............

 

Opstelling Godenzondes:

Wim Reer, Erik Rouppé, Raging Red Bull Nonko, Aarswin v/d Boom, De Clown, Mauro Badpak, Romano uit het Westen (45. Aron Armando Ammersken), Jongeling Patrick, Renhard Moet, Martin Oprisping (45. Hans v/d Most), Maico Hommes

 

Statistieken:

Toeschouwers: 18

Godenzonde of the match: Martin Oprisping (als een mes door de boter)

Citaat van de dag: “Goin idee” (een stuk of elf roodwitte grensbewoners zonder kantinepersoneel)

 

21 april 2013 Godenzondes - Musselkanaal 2; eindstand 3-0

 

Musselkanaal 2 thuis, werd achteraf gezien een hele vreemde wedstrijd die misschien nog wel het best valt te vergelijken met onze uitwedstrijd tegen Muntendam 2 van ongeveer anderhalf jaar geleden, maar dan in een paradoxale spiegelbeeld. Snapt u? Ook toen waren veel spelers tamelijk onzichtbaar. Dromen waren ook toen al bedrog, maar werden uiteindelijk wel bewaarheid. Musselkanaal 2 leek bij voorbaat al kansloos en om heel eerlijk te zijn, zonder daarbij arrogant over te willen komen, hadden we ons net zo goed niet kunnen omkleden. Eindstand 3-0.

 

Na vijftien wedstrijden zijn we terug te vinden op een achtste plek op de ranglijst met een puntentotaal van vijftien. Middelmaat of misschien zelfs daaronder viert weer eens een keer hoogtij, al moet wel worden vermeld dat we het de laatste wedstrijden bepaald niet onaardig doen. Het zal u (enkele verdwaalde blondines en Steven Mb Sonnema natuurlijk daargelaten) ook niet zijn ontgaan. Op Bevrijdingsdag spelen we alweer onze laatste uitwedstrijd van het seizoen in Sappemeer tegen de kraaien van H.S.C. 2. Hopen dat ze ook voor de wedstrijd volk achter de bar hebben staan....

 

Opstelling Godenzondes:

 

Geheim.

 

Statistieken:

Toeschouwers: 2

Godenzonde of the match: geheim

Citaat van de dag: “Lekker rustig zo” (een ieder)

 

 

Erik Rouppé




Maart 2013

 

Godenzondes update: doelloos doorhobbelen in optima forma

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,………….soms niet.

“Doelloos doorhobbelen”, zo zou je het bij tijd en wijle oeverloos geklungel in de periode waarin wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging, Godenzondes momenteel verkeren, het beste kunnen omschrijven. “Kansloos aanmodderen” komt ook aardig in de buurt, maar kenschetst de verrichtingen van het keurkorps van het duo Van Bree/ Van Bree mijns inziens toch net even te zwartgallig. Er werd in februari namelijk wel even gewonnen van het jeugdige W.V.V. 3, ik heb u daar uitgebreid deelgenoot van gemaakt, maar constructief betrouwbare zoden aan de Veelervener dijk zette dat natuurlijk ook weer niet. Met inmiddels nog zeven wedstrijden te gaan, bezetten we de negende plaats op de ranglijst en we hebben het schamele puntentotaal van zes. Een achterstand van maar liefst zesentwintig punten op koploper Groninger Boys 4. De mathematici onder u (Steven Mb Sonnema en de rest van de blondines uiteraard dus daargelaten) zouden moeiteloos en meteen kunnen becijferen dat een kampioenschap ook in theorie niet meer tot de mogelijkheden behoort in onze reserve derde klasse F. Toch nog even voor Steven en zijn lotgenoten: zeven maal drie is éénentwintig, dan kom je er nu dus al minimaal vijf tekort.

 

Neem bovenstaande jeremiade, tel daar de achterlijke klimatologische omstandigheden van tegenwoordig bij op en je mag je hardop afvragen wat een Godenzonde mankeert dat hij die bak ellende toch gewoon weer wekelijks blijft laten gebeuren. Onze doelman Cherjan heeft in ieder geval eieren voor zijn geld gekozen en heeft er kort geleden de definitieve brui aan gegeven. Hij heeft zijn schoentjes aan de wilgen gehangen en zit nu tenminste op zondagochtend in zijn Thomas de treinpyjama lekker warm bij de kachel met een glaasje prikloze limonade. Hij wel, wij niet. Wij gingen lekker met de bek door de natte sneeuw en snijdend koude wind voetballen tegen eerst Veendam 1894 2 en vervolgens Groninger Boys 4. Leuk hoor.

 

03 maart 2013 Godenzondes – Veendam 1894 2 (2-2).

 

Met in ons achterhoofd de wetenschap dat de uitwedstrijd tegen Veendam 1894 2 redelijk desastreus verliep voor de mannen van het succesduo Van Bree/ Van Bree, met als gevolg een duidelijke 4-0 nederlaag, begonnen we wat afwachtend aan het duel. Toch ging het aanvankelijk qua kansenverhoudingen aardig gelijk op, hoewel de mannen uit Veendam het spel dicteerden. Het oogde allemaal net even wat nauwkeuriger aan de kant van de bezoekers. Gevolg: al voor de rust een 2-0 achterstand voor de Godenzondes. Aangezien het inmiddels een slordige twintig dagen is geleden dat de wedstrijd werd gespeeld, heb ik er echter werkelijk geen flauwe notie meer van hoe de twee doelpunten tot stand kwamen. U weet hoe het zit met het gemiddeld herinneringsvermogen van een doorsnee Godenzonde. De ene hersenhelft weet al überhaupt niet meer dat de wedstrijd is gespeeld en de andere helft heeft totaal geen idee wat de einduitslag was, om nog maar even niet te beginnen over het scoreverloop. Het mag onze pret allemaal niet drukken, dat weet u ook. Die paar spaarzame flarden die zijn blijven hangen vertellen mij wel dat we nog voor de rust weer op gelijke hoogte kwamen via twee keer Martin Oprisping, naar ik meen. Eerst knikte hij vanuit de rebound zijn eigen inzet binnen en vervolgens reageerde hij alert en onberispelijk na een belabberd genomen indirecte vrije trap binnen de zestien meter. Deze indirecte vrije bal verdient nader uitleg, dat staat namelijk nog wél duidelijk op mijn netvlies. Zal het over een aantal jaren nog wel staan Dat was een overduidelijk gevalletje van totale scheidsrechterlijke absurdisme van de buitencategorie. Voornoemde Martin Oprisping werd duidelijk zicht- en hoorbaar voor alle aanwezigen binnen de bekende krijtlijntjes plat op de snoete gelegd. “Hospik, hospik!!”, bulderde Rambo Sprik meteen. Achterlijke zandhaas. Hij had het klaarblijkelijk ook gezien, net als onze leidsman. Gedecideerd blies de beste man op zijn fluitje en hij huppelde als een tochtige, iets te zwaarlijvige snipstruis in paringstijd richting plaats delict. Daar aangekomen gaf die pipo ineens EEN INDIRECTE VRIJE TRAP (!?!?) Niemand die het kon geloven, maar hij dreigde zelfs zijn spelregelboekje er bij te halen, dus we moesten wel. We hadden geen keus en moesten het gewoon accepteren. Er zal wel iets in gestaan hebben als: “Wanneer den aanvaller onreglementair ten bodem wordt geschoffeld binnen de lijnen, gelieve men als leidsman te allen tijde een strafschop te geven, maar niet op 3 maart 2013”. We maken het mee. Gelukkig hadden we Martin Oprisping. Rust 2-2.

 

Tijdens de rust de welbekende verrichtingen. Romano uit het Westen die na een drietal zware inhaleringen zoveel witte rook uitblaast dat de Sixtijnse Kapel er bij vergeleken een nietszeggend licht dampend saunahokje zou lijken en onze doelman Cherjan die een niets en niemand ontziende letterlijke en figuurlijke leegte achterlaat in de kleedkamer. Nooit meer diepgaande overpeinzingen over macro-economische aangelegenheden, politieke beslommeringen of de stand van zaken op het Damrak. “Als ik zo doe”, zegt Mauro Badpak ineens (en hij probeert, als was hij een volbloedverwant van de pas gepensioneerde Salinero, een onvervalste piaffe te produceren) “dan trekt het lichtjes in mijn musculus plantaris”. Dan maar even geen hengstige hupjes meer maken Mauro!

 

De tweede helft werd een helft van tegenhouden en overleven. We kwamen er duidelijk niet meer aan te pas en het was vooral aan onze invaller doelman Wim Reer te danken dat we het puntje over de streep wisten te trekken. Knap resultaat, hard gewerkt, goed gevoel, weer een punt, maar van nul of generlei waarde natuurlijk………………

 

17 maart 2013 Godenzondes – Groninger Boys 4 (0-7)

 

Hoewel het affiche Godenzondes – Groninger Boys 4 voor alle onwetenden onder u anders zou doen vermoeden, want wat valt er nou te duchten van een vierde elftal, wisten wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, allemaal op voorhand wel dat het een zware pot zou worden tegen de fanatieke dynamische Knuppels oet Stad. Ze zijn toch ook niet voor Jan Lul koploper. En aldus geschiedde. Gedurende de gehele wedstrijd hobbelden we achter de feiten aan, hoewel we geen poot hadden om op te staan. Op zich toch ook wel weer knap: geen poot hebben om op te staan en toch achter feiten aanhobbelen, maar dit geheel terzijde. Met voor onze begrippen zeer verzorgd voetbal werden we van het kastje naar de muur gestuurd. En als Godenzondes ergens niet goed in zijn, dan is het wel van het kastje naar de muur strompelen zonder poten. Strompelen van het bankje naar de koelkast kunnen we vele malen beter, maar dat werd pas na negentig minuten van ons gevraagd. In de eerste helft wisten we de schade nog redelijk te beperken. Rust, 0-2.

 

Tijdens de rust weer weinig nieuws onder de zon. Romano uit het Westen die er nog maar weer een paar rukjes aan geeft, het niet aflatende gemis dat onze voormalige doelman Cherjan heet en mijn gedachten die naar hem afdwalen. Wat zou hij aan het doen zijn? Zou hij voor een andere sport hebben gekozen? Zou hij ambities hebben op een totaal ander vlak? Zou hij toch stiekem aan een comeback werken? Zou hij ons ook zo vreselijk missen? Zou hij in de politiek zijn gestapt? Ik wist het niet en dat maakte me confuus.

 

In de tweede helft werden we zo mogelijk nog verder op eigen helft teruggedrongen. De Groninger Knuppels die bijna ergerlijk op jacht gingen naar een zo hoog mogelijke score omdat dat nog wel eens van pas zou kunnen komen in hun strijd om het kampioenschap met Stadskanaal 3. Op een overdosis fanatisme zijn wij nog nooit betrapt. Wij kloten elke week gewoon wat aan. Begrijp me goed, je kunt een gezonde portie fanatisme of geestdrift natuurlijk nooit ofte nimmer afkeuren, maar ga dan elders in Stad lekker in een eerste elftal voetballen dan krijgt je tomeloze inzet ook nog aandacht van mens en media, maar vermoei ons, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, niet meer met die flauwekul. Wilskrachtig liepen de Stadse roodwitten in de tweede helft uit naar een niets aan het toeval overlatende 7-0 overwinning. Eindbalans Godenzondes – Groninger Boys 4 over twee wedstrijden: 0-13. Dus…..

 

Onze eerstvolgende wedstrijd is de kraker tegen de gelouterde mannen van Stadskanaal 3 Alweer thuis. Wens ons alstublieft sterkte, wijsheid en kracht, maar bovenal warmte. In je hempie staan is namelijk bepaald geen pretje en helemaal niet nu Zeus ons ook nog zo ijskoud loopt te klieren, vlak voor Pasen. Het valt soms bepaald niet mee om een Godenzonde te zijn……………

 

Opstelling Godenzondes (tegen Groninger Boys):

Wim Reer, Raging Red Bull Nonko, Graatje Dekker (10. Erik Rouppé), Rambo Sprik, De Clown, Renhard Moet, Aarswin v/d Boom, Aron Armando Ammersken, Just In, Romano uit het Westen, Bear v/d Mear (60. Martin Oprisping)

 

Statistieken:

Toeschouwers: handje vol idioten

Godenzonde of the match: Wim Reer (net pur)

Citaat van de dag: “Het ging best aardig, wel jammer van die tegengoals” (Romano uit het Westen)

 

Erik Rouppé



17 februari 2013

Daverende competitiehervatting Godenzondes

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,………soms niet.

Het is nu al enkele jaren zo dat wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, de competitie om en nabij Sint Nicolaas tijdelijk staken, om vervolgens die hele Goddeloze nutteloze bende niet gek ver voor Pasen weer op te pakken. Als de Goedheiligman zijn gezicht laat zien, schiet een doorsnee Godenzonde bijna automatisch in de relax modus. Pepernoten, bier, wijn, chips, oliebollen, vettigheid, viezigheid. Trainen, ho maar. Neem bijvoorbeeld zo maar een donderdag, zeg tweede week van januari. Uurtje of zeven in de avond. Om 20.00 uur staat er wel degelijk een training op het programma, maar de doorsnee Godenzonde hangt met vrouw en kindertjes lusteloos op de bank. Hoofd naar beneden, voetjes omhoog, één hand bungelt op de grond en hij bekijkt voor de twaalfde keer die week aflevering achtendertig van Dora the Explorer. “Zwieber niet stelen, Zwieber niet stelen”. “Het lukte”. “Yes we did it.” Buiten vriest het een graadje of twee en de wind giert om het huis. “Ga je straks ook voetballen pappa?”, vraagt de jongste. “Nou”, antwoordt de doorsnee Godenzonde. “Pappa heeft het heel druk gehad op zijn werk, zijn in Vietnam opgelopen oorlogswond speelt door de kou een beetje op, de stamppot maus met worst en spek is nog niet helemaal ingedaald en ik denk dat mamma pappa’s voetbalschoenen ook nog niet heeft gepoetst”. “Dus nee, pappa slaat vanavond even over”. Een dikke twee uur later is de fles al weer ontkurkt, is de worst gesneden, staan de nootjes binnen handbereik op tafel. Rechts naast de doorsnee Godenzonde ligt een half leeg gevreten zak Wokkels op de bank. “Zo kan het niet langer”, denkt hij. “Ik moet weer in beweging zien te komen” en hij wurmt snel een handvol pinda’s naar binnen, krabt wat aan zijn kont en laat zich verveeld weer achterover vallen in de kussens. En toen zo maar ineens best ver voor Pasen werd het 17 februari. Competitiewedstrijd, oh jee. Snijdende wind, gevoelstemperatuur van min tien, maar droog dus IT GIET OAN!!

 

Naast Bellingwolde 2 was W.V.V. 3 voorafgaand aan het treffen met laatstgenoemde ploeg, het enige team waar de Godenzondes een puntje van wisten af te snoepen. De wedstrijd in Winschoten aan het begin van het seizoen eindigde destijds in 2-2.

Gezien het spelbeeld in het eerste kwart van de wedstrijd leken we dat kunstje echter niet te kunnen herhalen. Het waren de embryo’s van W.V.V. 3 die de wedstrijd aanvankelijk dicteerden, hoewel het nooit echt heel dreigend werd. Voor de meeste dreiging zorgden we zelf wel. Slap onzinnig balletje vanaf links naar binnen, onderschepping, levensgrote kans. Laatste man Graatje Dekker en gelegenheidsdoelman Wim Reer wisten het zaakje ten koste van een corner ternauwernood te redden. Dom, dom, sorry, dank! Gelegenheidsdoelman Wim Reer, dat leest u goed ja. Wim is net polyurethaan, beter bekend als pur. Je kunt het werkelijk overal voor gebruiken. Het houdt van alles tegen, maar als je er te veel mee in aanraking komt, maakt het je verward en begin je soms helemaal uit het niets kwijlend tegen jezelf te lullen. Bezig je zo nu en dan termen als: “kom op geel”, of “wees op jullie qui vive strijdmakkers!!”.

Onze doelman Cherjan leek van onze aardkloot te zijn verdwenen. Honderd procent onbereikbaar. Bellen, sms’en, what’s appen, Facebook, Twitter, rooksignalen, nul reactie. En dat is een prestatie op zich. Dat lukte zelfs Andre Kuipers niet toen hij afgelopen zomer in de ruimte bivakkeerde! Om Youp van ’t Hek dan maar eens te citeren: “Als je een beetje iemand bent, ben je onbereikbaar”. En dat in deze moderne tijden van sociale media. Je zou er bewondering voor kunnen hebben…..

Het was onze slalomexpert Aron Armando Ammersken die de Godenzondes plotseling op voorsprong kopte uit een corner en niet veel later tekende diezelfde Aron Armando Ammersken zelfs de 2-0 aan. Na een splijtende dieptepass van één van onze nieuwste aanwinsten Renhard Moet. Aron schoof het speeltuig beheerst langs de uitlopende Winschoter doelman.

 

Tijdens de rust bleek al gauw dat alle tradities ook na de winterstop in tact waren gebleven. Romano uit het Westen die doodgewoon weer een aantal Zware Van Nelles naar binnen gierde, onze doelman Cherjan die naar alle waarschijnlijkheid ergens gewetenloos het halve Engbert Drenthbos lag om te zagen en Zijne Excellentie de heer Van Bree die een vruchteloze poging ondernam om Mauro Badpak uit zijn chronisch fysiek en mentaal lijden te verlossen door hem te wisselen. Mauro gaf echter gedecideerd aan ook de tweede helft nog wel te kunnen spelen, hoewel het wel een beetje pijn deed wanneer hij met zijn duim in zijn liesstreek drukte en aan de binnenkant van zijn meniscus en zijn heup, dijbeen, kuit, enkel, scheenbeen, achillespees, hamstring, knieschijf en hielbeen. Later bleek zijn duim te zijn gekneusd. Hij mocht blijven staan van Zijne excellentie de heer Van Bree.

 

Hoewel niemand er echt gerust op was in de tweede helft, zou je naderhand kunnen stellen dat we ook toen nooit meer in de problemen zijn gekomen. Het werd nog heel even spannend toen W.V.V. 3 in de zesenzestigste minuut ook eindelijk het net wist te vinden, maar Martin Oprisping maakte daar in hoogsteigen persoon een resoluut einde aan. Eerst promoveerde hij een verre uittrap van onze gelegenheidsdoelman Wim Reer tot doelpunt (sprintduelletje langs de zijlijn, diagonaaltje naar binnen, keepertje kansloos) en daarna kopte hij een snel genomen vrije trap van Mauro Badpak knap binnen. Dat W.V.V. 3 in de slotfase nog weer terugkwam tot 4-2 was leuk voor de statistici en illegale totodeelnemers onder ons, maar echt van belang was het niet meer. De eerste overwinning van het seizoen werd daarmee een feit.

 

Jeugdig elan deed ons, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes zichtbaar goed. Renhard Moet, Just In, Martin Oprisping en Aron Armando Ammersken, om zo maar eens een viertal te noemen, gaf de oude roestige boemeltrein voor even weer wat glans. En zie daar: drie punten in de knip. De zoete smaak van het winnen wordt nooit gewoon, maar echt tot iets leiden zal het vast ook niet in de reserve derde klasse F. Dat doet het namelijk nooit. Roemloosheid is daarbij ons lot……

 

Opstelling Godenzondes:

Wim Reer, Nonko Huttinga, Graatje Dekker, Robert Rambo Sprik, Erik Rouppé, De Clown, Mauro Badpak, Romano uit het Westen, Just In, Aron Armando Ammersken (60. Alwin v/d Boom), Martin Oprisping

 

Statistieken:

Toeschouwers: eerste helft 2, tweede helft 16

Godenzonde of the match: Mauro Badpak

Citaat van de dag: “Jullie wisselen meer van grensrechter dan van spelers” (Winschoter aanvaller)





Godenzondes update: H.S.C. 2, Z.N.C. 2, het zit Veelerveen 2 ook niet bepaald mee

 

11 november 2012: Veelerveen 2 – H.S.C. 2 (0-1)

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,…………….........…….soms niet.

Eigenlijk zat het er al een tijdje aan te komen. Zijne excellentie de heer Van Bree moest ook gewoon een keer optreden. Iemand in zijn positie kan nu eenmaal niet alles over zijn koninklijke kant laten gaan. Bovendien kan niemand ongestraft structureel te laat komen, een veel te grote bek hebben en bij voortduring ondermaats presteren. Ook een aanvoerder niet. “The captain, who has to lead by example”, zou Steven Mb Sonnema in dit verband gezegd kunnen hebben, ware het niet dat hij weer eens schitterde door afwezigheid.

 

Toen ik ’s ochtends met mijn tot op de bodem versleten voetbaltas over mijn rechter schouder doodgemoedereerd en aanvankelijk nietsvermoedend aan kwam drentelen rond een uurtje of half tien, stond onze grote baas zoals gewoonlijk al op de uitkijk voor de kantine. In een oogwenk zag ik hem staan en ik probeerde gebukt als een bejaarde mantelbrulaap de kleedkamer binnen te tijgeren. Roerend in zijn bekertje groene thee had Zijne excellentie de heer Van Bree mij natuurlijk al lang en breed waargenomen. “Weer te laat, Rouppé!!”, hoor ik ineens. Van schrik laat ik mijn voetbaltas vallen en al struikelend storm ik de kleedkamer binnen. Als ik vier tellen later mijn hypocriete tandpastalach om de hoek steek, zie ik al wel dat het letterlijk en figuurlijk te laat is. “Je zit op de bank, Erik.” “De Clown begint in de basis.” Het huilen staat mij nader dan het lachen en met een trillende onderlip hijs ik mij langzaam in het inmiddels zo roemruchte tenue van de Godenzondes. Hydraulische graafkraan op de pens, fiets op de rug. Ik zie het allemaal even niet meer zitten, maar besef dat het ook wel een beetje mijn eigen schuld is.

 

Vanaf de bank zag ik dat het begin van de wedstrijd overduidelijk in het voordeel van de Sappemeerster Kraaien van H.S.C. 2 was. Meerdere keren doken de H.S.C-ers vlak voor de tongpiercing van onze doelman Cherjan op en als het na ongeveer twintig minuten spelen een nulletje of drie in het voordeel was geweest van H.S.C. 2, had niemand daar wat van kunnen zeggen. Paal, lat, scheve voeten, pech en onze voornoemde doelman Cherjan voorkwamen in eendrachtige samenwerking echter erger. Juist op het moment dat de spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, een beetje onder het juk uit leken te komen, viel hij toch. Via een ongelukkige kluts belandde het leer binnen de zestien pardoes voor de voetjes van een Sappemeerster voorwaarts, 0-1. Ondanks een hand vol kansen over en weer bleef deze stand tot aan de thee gehandhaafd.

 

Tijdens de rust de gebruikelijke tradities: Romano uit het Westen die een aantal Javaanse Jongens naar binnen werkt (klink ook raar, vindt u niet?), onze doelman Cherjan die de situatie aan de Westelijke Jordaanoever  nog maar eens overpeinst, onze slalomexpert Aron Armando Ammersken die een dusdanige scheet laat, dat in een mum van tijd de kleedkamer compleet leegloopt en de sprinklerinstallatie spontaan in werking treedt en Mauro Badpak die in een inmiddels leeggelopen kleedkamer uitlegt waarom hij misschien vervangen zal moeten worden in de tweede helft. “Als ik zo doe (en hij probeert de grote teen van zijn rechter voet langs zijn eigen achterhoofd in zijn linker oor te stoppen), dan voel ik lichte irritatie aan mijn lange tenenbuigspier.” “Misschien kun je dan maar beter niet meer zo doen”, adviseer ik hem met dichtgeknepen neus en afgesneden adem van om het hoekje. Het leek verdomme wel of dat slangenmens van een Aron pure ammoniak heeft staan zuipen, maar dit even terzijde.

 

De tweede helft gaf een bijna totaal ander beeld. Naarmate de tijd verstreek leek het of de mannen van het duo Van Bree/Van Bree steeds meer passie en geestdrift in de strijd gooiden. De Godenzondes vochten voor wat ze waard waren, doken zoals wel vaker een aantal keren vrij op voor de vijandelijke goalie, hadden met gemak een punt of meer uit het vuur kunnen slepen, maar stonden na negentig minuten en een beetje toch weer met lege handen. Eindstand 0-1.

 

18 november 2012: Z.N.C. 2 – Veelerveen 2 (5-3)

 

Wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, zijn heel langzaamaan, zoals het een echte Godenzonde betaamt verzeild geraakt in een proces van evolutie. (even voor Steven Mb Sonnema en alle blondines onder u: je hebt evolutie en ovulatie, VERWAR DIT NIET!!) We trachten onszelf naar een lager niveau te evolueren. Kan dat dan? Ja, dat kan. Vooralsnog valt dat echter geenszins mee en toch willen we het proces graag voortzetten. De oudere Godenzondes zijn er wel een beetje klaar mee. Steeds weer als een stelletje kreupele aan obesitas lijdende hangbuikzwijnen achter een koppel puberende edelherten aanhobbelen, die nou juist in de kracht van hun bronstige levens bivakkeren. Gewei omhoog en dartelen maar. Onbegonnen werk vinden de meesten en zo is het ook. Een evolutie is echter zogezegd geen ovulatie, al helemaal geen revolutie en dus stonden we weer grotendeels in onze oude vertrouwde bejaarde formatie aan de aftrap in het mistroostige Zuidbroek.

 

Na een wat afwachtend begin waren het de Godenzondes die vroeg in de wedstrijd brutaalweg de leiding namen tegen de mannen van het plaatselijke Z.N.C. 2. Eén van onze jongste aanwinsten Just In werd op maat bediend door Martin Oprisping, een andere jeugdige nieuweling, 0-1. Helaas werkte de treffer niet als een bevrijding, aangezien het spel aan Godenzonder zijde net als voor het doelpunt stroef oogde. De groenwitte mannen van Z.N.C. 2 gingen daarentegen steeds nadrukkelijker op zoek naar de gelijkmaker en schuwden daarbij het duel niet. “Blij dat ik glij in de groene wei met één of twee beentjes van voor, van achter en opzij”, luidde het motto. De terechte gelijkmaker na ongeveer een half uur spelen viel op symptomatische wijze. Een van richting veranderd schot plofte boven de tongpiercing van onze doelman Cherjan op de deklat en stuiterde voor de voeten van aanvoerder Buurke van Z.N.C. 2. Dank u, 1-1. Op slag van rust werd het nog erger en het was andermaal aanvoerder Buurke die het vonnis voltrok. Schot van Buurke wéér op de lat en via onze doelman Cherjan’s achterhoofd (was hij pas nog op gevallen) het doel in. Dank u, 2-1. Je verzint het gewoon niet. Als het tegenzit, zit het blijkbaar ook goed tegen.

 

Tijdens de rust de gebruikelijke handelingen: Romano uit het Westen die in korte tijd zo veel sigaretten oprookt dat hij de complete kleedkamer voorziet van een lichtblauwe wasem (het leek verdomme wel of we als een stelletje overjarige veel te vette palingen in een palingrokerij zaten klaar te roken), onze doelman Cherjan die de opmerking van Sybrand Buma dat de nivellering via de belastingen slecht zou zijn voor onze economie nog maar eens onder de loep neemt en onze kalklijnwimpelaar Adriaan die ongegeneerd staat te bellen “Stil eens jongens, ik heb Mauro aan de lijn.” “Wat zeg je?” “Last?” “Waarvan dan?” “Je wat?” “Je rectus femoris?” “Ja hoor eens Mauro, ik ben natuurlijk geen arts, maar misschien dat je op jouw leeftijd beter niet meer probeert om met je hiel je schouderblad aan te raken” “Logisch dat je daarbij ook nog voorover kukelt.”

 

Net als tegen BNC 2 wisten we vroeg in de tweede helft te scoren. De in de rust ingevallen Matthijs Jonker snelde over onze rechter kant, knalde de bal hard en laag voor, alwaar Martin Oprisping beheerst maar hard binnenschoot. In de fase die daarop volgde leken de Godenzondes het initiatief in de wedstrijd te nemen, maar zoals zo vaak dit seizoen viel de treffer aan de andere kant. De kleinste man van het veld, de één meter vijfentwintig grote piemelpygmee Jan Smit kopte nota bene tussen twee Godenzondes raak uit een voorzet van onze linker flank. Dank u, 3-2. Hoe is het weer eens een keer mogelijk zou je zeggen, maar het werd allemaal nog veel erger. De 4-2 was een eigen doelpunt, daar wilde ik maar niet al te veel over uitweiden met uw goedvinden. Dank u. De 5-2 kwam doordat een ZNC-aanvaller plotseling vrije doortocht werd verleend, nadat onze rechter vleugelverdediger Nonko Huttinga bij een hoge bal zo maar plat voorover met de bek in de blubber gleed. Dank u. Het slotakkoord was voor Just In, die zijn tweede goal van de dag maakte. Matthijs Jonker stond wederom aan de basis. Eindstand 5-3.

 

Twee zeer ongelukkige, maar voor het gevoel ook onnodige nederlagen. Het lijkt erop dat de wet van Murphy de Godenzondes in de greep houdt. Onbenullige tegentreffers, veel gemiste kansen, scheidsrechters die voor geen millimeter willen meewerken, droefheid alom en slechts twee punten na negen wedstrijden. Hopeloze situatie zou u denken, maar de Godenzondes zouden de Godenzondes niet zijn als ze zich niet vast wisten te klampen aan de wijze Godenzonder spreuken uit het verleden. Want “ook voor een substantiële portie pech loopt een Godenzonde niet weg, hij recht zijn rug, vecht terug, pens naar voor, we gaan er voor, kin omhoog, sterk betoog………

 

Erik Rouppé

 

Opstelling Godenzondes (tegen ZNC 2):

Cherjan de Wit, Steven Mb Sonnema, Nonko Huttinga, Robert Rambo Sprik (45. Romano uit het Westen), Erik Rouppé, Aron Armando Ammersken (45. Matthijs Jonker), Graatje Dekker, Bart Hogervorst, Just In, Martin Oprisping, Wim Reer

 

Statistieken:

Toeschouwers: 24

Godenzonde of the match: Just In (terug van weggeweest en hoe!)

Citaat van de dag: “Kom Erik, maak die meters” (Romano uit het Westen/ eerste helft)





04 november 2012

 

De Godenzondes en een ochtend uit het leven van Vito Andolini Corleone

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,………….soms niet.

Voor ik u bericht over de vermeende Finnewolmer corruptie, en ik u dus uitleg kan geven over voornoemd waardeoordeel en bovenstaande titel, moet ik u nog even meenemen naar het vorig weekend. Bellingwolde 2 thuis, best lastig, nog altijd matig voetbal, veerkracht, vechtlust, geen verslag, ruststand 0-1, eindstand 1-1, puntenaantal verdubbeld, klus geklaard.

 

Ondanks mijn uitvoerige, om niet te zeggen langdradige, verslaggevingen omtrent het wel en wee van de spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, zult u het gevoeglijk met mij eens zijn dat het hotsknotsbegoniatoevalvoetbal in onze reserve derde klasse F doorgaans van een dusdanig gehalte is dat het slechts weinigen kan bewegen om te komen kijken. Nee, wij Godenzondes trekken bepaald geen volle zalen en/ of tribunes. Het troosteloos gezelschap dat wel vrijwillig met de bek in de regen komt kijken, is op de linker hand van Kapitein Haak te tellen, in 99% van de gevallen Godenzonder bloedverwant, heeft een kwoad wief, is niet goed bij zijn hoofd óf is sado masochistisch in de ergste vorm. Niemand, maar dan ook niemand, gaat vrijwillig in de regen staan kijken naar een stelletje iets te dikke schreeuwerige kalende grijzende veertigplussers in een veel te strak kanariegeel voetbalshirt met een graafkraan op de pens en een fiets op de rug, die het maar niet lukt om de bal van de ene gele naar een andere gele te schieten. Hoe goed ze hun best ook doen. Nee, wij zijn Barcelona bepaald niet, en niet geheel toevallig past ook de arbitrage zich in bijna alle gevallen aan het niveau aan. We hebben leidsmannen gehad met bierbuiken als zeventig-liter-fusten, we hebben scheidsrechters gehad die Sinterklaas nog hebben gekend van de kleuterschool (in Madrid dus), we hebben ooit een scheidsrechter gehad die bij de toss een ouderwetse florijn met een ferme zwaai op zijn eigen neus deponeerde, we hebben scheidsrechters gehad op noploze gympen in de stromende regen, we hebben een scheidrechter gehad die kop van munt kon onderscheiden op een kop- en muntloze flippo, we hebben talloze scheidsrechters gehad die van achter de middellijn onze immer integere kalklijnwimpelaar Adriaan in zijn hemd lieten staan, omdat ze er naar eigen zeggen beter voor stonden. We hebben de meest debiele beslissingen meegemaakt. Beslissingen in ons voordeel, beslissingen in ons nadeel. Beslissingen gestoeld op een absoluut en chronisch gebrek aan talent, onwetendheid of slecht zicht. Feit is in ieder geval dat het geaccepteerd wordt. We nemen het ter kennisgeving aan, we kunnen zelf immers ook niet beter. Als eerbetoon aan de vrijwillige scheidsrechter heb ik derhalve gepoogd het verslag van de wedstrijd B.N.C. 2 – Veelerveen 2 te schrijven vanuit het perspectief van een geheel willekeurige scheidsrechter met een lichte blauwzwarte voorkeur. LET WEL: de gedachtegang van de hieronder beschreven arbiter is louter fictief, hoogstens een tikje insinuatief. Zijn voorkeur had bijvoorbeeld even goed geelzwart kunnen zijn. Aangezien ik de desbetreffende man zelf ook niet ken, noem ik hem voor het gemak Vito Andolini Corleone.

 

Het is zondagochtend half acht als bij Vito Andolini Corleone de wekker gaat. Vito schrikt wakker en drukt haastig zijn blauwzwarte wekker uit. Hij moet de kippen nog voeren en de geiten nog melken. Hij staat op en snelt in zijn BNC-pyjama naar beneden. Hij moet zo nodig plassen dat hij het bijna in zijn pyjama doet. “BRIL OMHOOG!!!! VERDOMME, HOU VOAK MOT IK DAT NOU NOG ZEGG’N!!” buldert zijn vrouw Lammy vanuit de keuken. Lammy is nou niet bepaald de gemakkelijkste. “AANS MOKST DE PLEE IN HET VERVOLG ZULF MOR SCHOON”, vervolgt ze haar tirade. Snel doet Vito de wc-bril omhoog en als hij klaar is spoedt hij zich naar de badkamer om zich te wassen. “Morgenrood, in worst'lend zwoegen, hebben zij naar u gesmacht. En in de nachten, treurig duister, uw verlossend werk verwacht. Blauwzwarte gloed kleurt reeds de wolken, d'ochtendwind ruist door de blaân. Weldra is voor alle volken 't schitterend zonlicht opgegaan, 't schitterend zonlicht opgegaan” klinkt het onderwijl zachtjes uit zijn mond. Het is al bijna negen uur als Vito op zijn fiets springt richting het voetbalveld van B.N.C. Toen hij twee jaar geleden vijfenzestig jaar lid van de club was, kreeg hij als dank een heuse fietsbel cadeau met inscriptie “B.N.C.” en daar is hij apetrots op. “DOU DEI DEURE DICHT DOE GROTE SLOIF” hoort hij nog net als hij al neuriënd de oprit affietst (even voor alle blondines en Steven Mb Sonnema: je kunt een oprit dus ook gewoon affietsen, dat is namelijk de andere kant op). Hij verheugt zich er op. B.N.C. 2 – Veelerveen 2, niet gemakkelijk, maar hij kan het aan, dat weet hij zeker.

 

Het hoofdveld aan de Klinkerweg 135 in Finsterwolde lijkt te zijn geannexeerd door De Blauwe Stad, zo doorweekt is de grasmat, maar scheidsrechter Vito Andolini Corleone in hoogsteigen persoon heeft besloten dat de wedstrijd doorgang kan vinden. Na een stief kwartiertje spelen constateert Vito dat het wel snor zit. Beide partijen hebben moeite om elkaar te vinden, het is gewoon noit bèst, maar de mannen van B.N.C. 2 weten toch het meeste gevaar te stichten. De Godenzondes kunnen vooral voorin maar geen vuist maken. En dan is het plotseling raak. Onnodig balverlies (nodig balverlies heb ik ook nog nooit meegemaakt) leidt een treffer van B.N.C. 2 in. Gerrie Drenth en Harold Röder vrij voor onze doelman Cherjan, 1-0. Als Vito niet veel later ziet dat dezelfde Harold Röder met een bekeken schuiver de 2-0 laat aantekenen krijgt hij het gevoel dat het nu al bijna niet meer mis kan gaan vandaag. De Godenzondes stellen teleur en zijn geliefkoosde strijdmakkers uit Finsterwolde leiden comfortabel en terecht met 2-0. Het fluiten gaat hem eigenlijk, naar mate de eerste helft vordert steeds gemakkelijker af. Hij hoeft niet echt in te grijpen en hij fluit een zeer gedegen partij. Vooral voor reserve derde klasse F-begrippen. Ruststand 2-0.

 

Tijdens de rust besluit Vito zijn oor te luister te leggen op de kleedkamerdeur van de Godenzondes. Je weet het immers maar nooit. Hij hoort wat gemopper en door het sleutelgat ziet hij Romano uit het Westen al hoestend den proestend een tweetal tabakjes opsteken. Aan de andere kant zit doelman Cherjan. Hij lijkt in gedachten verzonken. “Misschien dat de inkomensafhankelijke zorgpremie hem bezig houdt”, gokt Vito maar wat. Hij observeert het allemaal met grote tevredenheid, want niets wijst op een grote ommekeer in de tweede helft. Op het moment dat Vito weer weg wil lopen hoort hij nog net iemand zeggen: “Als ik zo doe, dan lijkt het of ik een beetje last krijg van aspecifieke lage rugpijn”. Hij gluurt toch weer even stiekem naar binnen en ziet iemand gehuld in een blauwe winterjas een poging ondernemen om in zijn eigen kont te kijken. “Zal wel”, denkt Vito en hij klopt op de deur. “Kom jongens, wie goan weer hèn!”

 

Tot zijn grote schrik ziet Vito Andolini Corleone dat de Godenzondes al in de zesenveertigste minuut op 2-1 komen. Nieuwkomer Bart Hogervorst slalomt door de Finnewolmer defensie en haalt doeltreffend uit. Nu moet Vito aan de bak. Hij moet zo eerlijk mogelijk fluiten en dat doet hij ook, maar hij gunt het zijn blauwzwarte strijdmakkers zo. Toch constateert hij dat de Godenzondes het wel aandoenlijk proberen om de gelijkmaker te bewerkstelligen, maar echt gevaarlijk oogt het aanvankelijk allemaal niet. Als het al een keer gevaarlijk wordt voor het doel van B.N.C. 2 is daar altijd nog sluitpost Bernhard Bos, die een aantal inzetten pareert. Vito hoeft nooit echt in te grijpen en de wedstrijd vordert gestaag. Hij fluit een puike pot. En dan gaat het bijna gruwelijk mis. Een aanval over rechts van de Godenzondes belandt bij de tweede paal. De als stormram ingevallen Wim Reer kopt de bal weer voor het doel, waar Romano uit het Westen het leer met speels gemak binnenwerkt, 2-2. Vito schrikt zich zowat een rolberoerte en laat een nat windje in zijn blauwzwarte BNC-onderbroek. In een flits besluit hij dat hij in moet grijpen en zonder dat hij het zelf beseft blaast hij op zijn fluitje. “Duwen van de nummer 5 van Veelerveen”, verzint hij snel ter plekke en hij verwacht een orkaan van protest. Niemand die het goed heeft gezien dus dat valt erg mee, alleen de nummer vijf van de Godenzondes lijkt als door een wesp gestoken. Hij gedraagt zich als een volslagen randdebiel en kraamt de meest mogelijke onzin uit in zijn richting. Vito ziet ook wel dat de man totaal ongevaarlijk is en beseft dat het met een grote sisser afloopt. Dat het in de laatste minuut toch nog 2-2 wordt en vervolgens ook nog weer 3-2 voor B.N.C. gaat in een gelukzalige roes aan hem voorbij. Hij heeft op het juiste moment ingegrepen en de blauwzwarte mannen zullen hem daar dankbaar voor zijn. Misschien krijgt hij nu wel een echt blauwzwart fluitje van de club. Die wil hij al heel lang zóóóó graag’.

 

Het is al half twee als Vito Andolini Corleone op zijn blauwzwarte fiets naar huis pedaleert. Hij heeft een paar biertjes gehad en slingert een beetje. “Negenentachtig minuten zeer behoorlijk gefloten en één onvermijdelijke ingreep”, denkt hij tevreden terug aan de wedstrijd. “DOU DEI DEURE DICHT DOE ACHTERLIEKE MIESGASTER, DAST BIST”, hoort hij Lammy roepen als hij op de mat zijn klompen uittrekt. “Rötwief”, mompelt Vito zachtjes in zich zelf, maar niemand die hém vandaag nog wat doet……

 

Erik Rouppé

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Steven Mb Sonnema (80. Wim Reer), Matthijs Jonker, Robert Rambo Sprik, Erik Rouppé, Just In, Graatje Dekker, Romano uit het Westen, Zijne excellentie de heer Van Bree, Bart Hogervorst, De Clown

 

Statistieken:

Toeschouwers: 8

Godenzonde of the match: Bart Hogervorst (dynamisch en verademend)

Citaat van de dag: “Dikke lul, drie bier” (Erik Rouppé)





14 oktober 2012

 

Vage tekenen van herstel bij de Godenzondes

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,………………….soms niet.

Het is donderdagavond, twee minuten over tien als ik behoedzaam voor de vierde keer deze dag de vaatwasser opentrek. De hete condenslucht, die uit dat klotending komt slaat recht in mijn ogen en ik wend mijn gezicht af. Klotending, maar wel handig. Ik moet er niet aan denken om op een dag als vandaag alles met de hand te moeten afwassen en -drogen. Daar is toch geen doorkomen aan, al die gebaksbordjes, vorkjes, kopjes, bekertjes en lepeltjes. Kris was jarig en dat mocht heel Oost-Groningen weten en meevieren. Drie jaar alweer, wat een dag. Van ochtend tot avond aanloop. Cadeaus, heel veel cadeaus, bergen cadeaus en vrolijk spelende kinderen. Een geslaagde dag voor een ieder en voor Kris natuurlijk in het bijzonder, maar het betekent wél dat ik voor de derde keer in vier weken niet heb kunnen trainen en dat baart me ernstige zorgen. Pling!! Mijn telefoon die vlak naast de vaatwasser aan de oplader ligt, licht op (even voor alle blondines en Steven Mb Sonnema: het gaat hier om twee verschillende werkwoorden; te weten liggen en oplichten, maar niet bedriegen). Ik schrik er een beetje van, want ik denk te weten dat het een sms’je van Zijne excellentie de heer Van Bree zal zijn. Snel gris ik mijn telefoon van het aanrecht en lees het volgende bericht: “Zondag voetballen we uit tegen die amateurs in Veendam uit 1894!! Het wordt tijd voor onze eerste drie punten! Tegen die ouwe knarren moet dat lukken!! Aanwezig om 8.45 uur. Wees op tijd!” Einde bericht. “Wees op tijd, wees op tijd?”, denk ik bijna hardop. Wat zou hij daar nou weer mee bedoelen? Gaat er misschien een diepgaande betekenis schuil achter dat onschuldig lijkende zinnetje? Ik weet ook wel dat ik heel af en toe te laat kom. Zou dit een laatste waarschuwing zijn? Puur en alleen om tot rust te komen loop ik naar het wijnrek, hevig trillend schenk ik een glas rode wijn in en plof neer op de bank. Niet veel later ga ik naar bed. Ik hou me vast aan de gedachte dat er op zondag nooit en te nimmer meer dan twaalf Godenzondes zullen zijn.

 

Zondag 14 oktober, 8.33 uur. Ik kijk op mijn horloge en druk de Senseo aan. Nog twaalf minuten, dan moet ik in driedelig clubkostuum klaar staan op het Erik Rouppé-sportpark in Veelerveen. Net op het moment dat ik een eerste slok hete koffie probeer te nemen claxonneert Mauro Badpak als een dolle Mina om mij te laten weten dat hij er is. Hij rijdt vandaag. Ik brand zowat mijn bek van schrik, gooi geïrriteerd mijn kopje koffie in de gootsteen, pak snel mijn voetbaltas en loop naar zijn auto. Hoe krijgt hij het voor elkaar, maar goed, we mogen niet te laat komen. Als we een dikke tien minuten later het sportpark in Veelerveen oprijden is er nog geen dode hond te bekennen. Niet één sterveling, laat staan een Godenzonde. Als ik weer enige tijd later een hernieuwde poging onderneem om een slok koffie tot mij te nemen, zwaait plots met ferme kracht de kantinedeur open en ik brand voor de tweede keer deze ochtend mijn bek. Zijne excellentie de heer Van Bree. “Goedemorgen vrienden”. “Dag Thijs”, antwoorden we allemaal in koor terug. Niemand die er over begint dat die kwijlebal gewoon zelf bijna een kwartier te laat is. Ook ik zeg niks. “Hoeveel heb je Thijs?”, vraag ik stoïcijns. “Twaalf, net als altijd, inclusief mezelf, Erik”. “Ik kon donderdag echt niet trainen Thijs, echt niet”, stotter ik. “Kris was jarig en eeeh…..” “Geeft niks jongen”, stelt Zijne excellentie de heer Van Bree mij gerust. “Maak je geen zorgen, ik begin zelf gewoon weer op de bank” Ik slaak een diepe zucht en probeer een slokje hete koffie te drinken als ineens Mauro Badpak op tamelijk luide toon roept: “Als ik zo doe (hij gaat daarbij op zijn hurken zitten en probeert vervolgens met zijn handen over elkaar geslagen, zonder dat ook maar iemand begrijpt waarom, één of andere Koriaanse kozakkendans ten uitvoer te brengen; hij valt daarbij met zijn hoofd tegen de muur) dan heb ik het gevoel dat mijn vierkoppige bovenbeenstrekker wat opspeelt”. “Daarnaast krijg ik er een knallende koppijn van”. Ik brand wéér mijn bek, raap Mauro op en adviseer hem nadrukkelijk om dan maar even niet zo te doen en we vertrekken richting het immer pittoreske Veendam.

 

Na een wandeling van een minuut of acht naar veld 116 of zo, de snotverkouden Romano uit het Westen die ondertussen al proestend en roggelend een Zware Van Nelle volledig vrijwillig over de longen giert, Wim Reer die zich druk maakt over de entourage (blijkbaar had hij op een mannetje of vijfhonderd publiek gerekend), een enkeling die met de handen bij de potlood in een hoekje doelloos wat in het rond staat te gluren en een ander die, zonder dat hij het zo bedoelt, twee intrapballen richting Borgerswold kegelt, plons, dag bal, was het vervolgens nog eens een dikke vijf minuten wachten op Zijne excellentie de heer Van Bree die even rustig was gaan zitten schijten in de kleedkamer. Tweeëntwintig wachtende spelers en een leidsman ten spijt. “Wees op tijd!” Ja, ja.

 

We begonnen ronduit hoopvol aan de wedstrijd. We waren aanvankelijk zeker niet de onderliggende partij en hadden al na een minuut of vijf op voorsprong kunnen komen toen jongeling Patrick Aron Armando Ammersken vrij voor doel zette binnen de zestien. Aron faalde echter jammerlijk. Aan de andere kant was het na een kwartiertje spelen natuurlijk wel weer gewoon raak. Slecht verzorgde opbouw (bal gewoon recht in de voeten van een tegenstander) gaf Veendammer aanvaller Leon Zijlstra een niet te missen kans, 1-0. Toch bleven we ook na deze tegenslag heel behoorlijk voetballen en we kregen een aantal goede mogelijkheden om op gelijke hoogte te komen. De Veendammer goalie bleek echter een moeilijk te nemen horde. Aan de andere kant moest ook onze doelman Cherjan zich een aantal keren strekken. Rust 1-0.

 

Tijdens de rust ook nu weer de gebruikelijke tradities: Romano uit het Westen die bijna zijn corrigerende lange onderbroek vol schijt door een hoestbui van een minuut of zes, maar wel weer gewoon een tabakje of twee wegwerkt, meerdere bierwindjes, onze doelman Cherjan die zich nogal opwindt over de uitspraak van oud-minister Ben Bot, dat Nederland af moet van het nurks imago en van achter het muurtje in de douche horen we ineens een doffe dreun, gevolgd door een krachtige “AUW, ZIE JE WEL!!!” Mauro met zijn hoofd tegen het douchemuurtje gevallen. Domme jong. We geven hem gauw een Aspro 500 Bruis en vertrekken weer richting veld 116.

 

Of het nou kwam door een tactische omzetting bij de Veendammer mannen of door iets anders weet ik niet, maar feit was dat het spelpeil aan Godenzonder zijde weer een bedenkelijke werd in het tweede bedrijf. Balverlies op het middenveld leidde na een kwartiertje de 2-0 in en andermaal was het de jeugdige spits Leon Zijlstra die het vonnis voltrok door de bal handig langs de uitstormende doelman Cherjan te lepelen. Toen kort daarna onze vakbekwame koeienbevruchter Aarswin v/d Boom het blijkbaar nodig vond om een Veendammer voorwaarts onder de pennelstip te ploegen was de wedstrijd gespeeld. Nog een geluk dat onze labiele land- en vleugelverdediger Robert Rambo Sprik er niet was. Je hoort het hem gewoon zeggen: “One man down, three to go. Lieutenant!!” en je ziet hem weer stijf in het gelid huppen. Pennel, bal rechts van Cherjan, Cherjan natuurlijk weer met zijn hele hebben en houden naar links, doelpunt, 3-0. Dat we daarna vervolgens nóg een strafschop om onze goddelijke oren kregen, deed natuurlijk niet meer ter zake. Eindstand 4-0.

 

Het is zondagmiddag. Na een aantal biertjes neem ik een beetje gedesillusioneerd plaats op de achterbank van de auto van de nog steeds steen en been klagende Mauro Badpak. “Arme Mauro, hij heeft het ook niet gemakkelijk”, denk ik bij mezelf en ik kijk enigszins verdrietig door het raam naar buiten. Het begint zachtjes te regenen, hoe symbolisch. Ik weet dat we de volgende week niet in actie hoeven te komen. Inhaal/ beker. Inhalen hoeven we niet en uit de beker zijn we natuurlijk ook al lang en breed geknikkerd. Was ook al geen lol aan. En terwijl Mauro Badpak en Graatje Dekker maar blijven doorouwehoeren over hoe het eigenlijk had gemoeten, val ik heel stilletjes met een traan op mijn wang in slaap op de achterbank. Ik begin te dromen over punten, heel veel punten, bergen punten..

 

Erik Rouppé

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Wim Reer, Raging Red Bull Nonko, Aarswin v/d Boom, Erik Rouppé, De Clown (45. Zijne excellentie de heer Van Bree) Graatje Dekker, Mauro Badpak, jongeling Patrick, Romano uit het Westen, Aron Armando Ammersken

 

Statistieken:

Toeschouwers: 12

Godenzonde of the match: Graatje Dekker (was niet zo, maar dat wou hij graag)

Citaat van de dag: “Uche uche uche uche uche uche uche uche uche” (Romano uit het Westen)





07 oktober 2012

 

Godenzondes in de problemen

 

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,………………soms niet.

De uiterst scherpzinnige lezers onder u, alle blondines en Steven Mb Sonnema dus in ieder geval daargelaten, zullen in mijn laatste meesterwerk over het echec van Stad tegen de Groninger Knuppels 4 van vorige week, wel hebben gemerkt dat ik de afgang weet aan een in mijn ogen lakende instelling bij het leeuwendeel van de spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes. Ga immers maar even na. Wij arriveren door de bank genomen bij uitwedstrijden pas een kleine twintig minuten voor aanvang van de geplande wedstrijd. Soms vertrekken we gewoon te laat, dan weer rijden we te langzaam of zonder aanwijsbare reden een kilometer of dertig om (zo nu en dan laat Wim Reer ons nog wel eens onbedoeld de provincie zien). Een andere keer kunnen we het complex van de tegenstander gewoon niet vinden en rijden we zonder dat ook maar iemand het in de gaten heeft, vijf keer met een stuk of zes auto’s achter elkaar aan hetzelfde rondje. “Ja, nu weet ik het, bij die benzinepomp drie keer rechts….”. En hup, daar gaan we. Als we uiteindelijk toch zijn aangekomen, duikt het overgrote deel nog even doodgemoedereerd de plaatselijke kantine binnen, hoe laat het ook is, voor een zoveelste bakje slootwater. Daarna gaat een gedeelte één voor één uitgebreid zitten schijten in de kleedkamer (op het toilet welteverstaan, zo gek is het nu ook weer niet) om vervolgens in een enorme putlucht, na een aantal zinloze en oeverloze discussies over het bestaansrecht van alleenstaande lederboktorren of zo het speelveld op te strompelen. Daar aangekomen gaat een gedeelte in de ochtendzon staan, of nog liever hangen, om tenminste nog enigszins op temperatuur te kunnen komen en een ander gedeelte staat met de handen in de broek te keuvelen over hoeveel biertjes hij en zijn buurman wel niet achterover hebben staan tikken op de voorafgaande zaterdagavond. Weer een ander rookt een tabakje of drie binnen tien minuten en een enkeling ramt verveeld een bal zo hard als hij kan tegen een willekeurig reclamebord. “Hoorde je dat?” Als de wedstrijd daarna wordt aangevangen, hobbelen we plichtmatig wat over het veld, na een kwartier staan we meestal door een aantal hilarische blunders met een nulletje of drie achter en er is niemand die er echt van in de war geraakt. Behalve Mauro Badpak dan, maar die burgert ook nog wel in. Volgende week beter, 6-0 aan de kont, jammer jongens, Veelerveen zal bloeien en nooit vergaan, PROOST! Fanatiek kun je dat toch allemaal niet noemen. Dit even als inleiding op het hieronder beschreven waargebeurd verhaal en opdat u het één en ander in het juiste perspectief weet te plaatsen.

 

Het is exact half tien als ik samen met Wim Reer de Veelerveensterweg in Veelerveen opdraai. Trriiiiiiiiing!! Telefoon, Zijne excellentie de heer Van Bree “ Ja, wat wolst!” krijs ik nogal respectloos tegen hem. “Waar zit je in Godsnaam, jij afgekloven wasbakkenpisser, het is al half tien!” bitst een geïrriteerde Thijs terug. “Ik ben er over twee minuten Thijs, ruimschoots op tijd dacht ik zo” antwoord ik weer arrogant. Als ik een dikke drie minuten later oog in oog sta met Zijne Excellentie de heer Van Bree word ik toch een beetje zenuwachtig. Hij lijkt nog steeds not amused en slaat dreigende taal uit. “Je bent veel te laat Erik en je bent verdomme aanvoerder, dit was de laatste keer”. “Jij zou juist het goede voorbeeld moeten geven”. “Hoeveel man heb je eigenlijk”, vraag ik met een desperate trilling in mijn stem. “Nu zijn we met zijn elven, maar De Clown komt straks ook nog, dan zijn we met twaalf”. “Sta ik dan wel in de basis Thijs?” “Ja jongen, je staat gewoon in de basis, maar de volgende keer als we………..”.”Als ik zo doe”, zegt Mauro Badpak ineens (en hij probeert tevergeefs met de handen op zijn rug midden op het terras voor de kantine een spagaat te maken), “dan heb ik moeite om mijn evenwicht te bewaren en voel ik volgens mij een lichte tendinitis in mijn musculus adductor”. We rapen Mauro op en raden hem ten strengste aan dan maar niet meer zo te doen.

 

We begonnen ronduit slecht aan de wedstrijd tegen angstgegner P.J.C. 2, zonder Graatje Dekker (op zoek naar Sietse en Hielke Klinkhamer), Wim Reer (arbitraire prioriteiten bij de Godenprutsers van Veelerveen 3), Aron Armando Ammersken (weggepromoveerd) en Robert Rambo Sprik (zwapapla* op zijn livo**). Stompzinnig tijgerend sporentrekker dat ie is met zijn achterlijke militaire afkortingen. Binnen een half uur stonden we tegen een kansloze 3-0 achterstand aan te koekeloeren. De 0-1 was een ouderwetse laat maar lopen, hij kan toch niet schieten. Bal stijf in de kruising. De 0-2 was een kwestie van twee Godenzondes prutsen met het leer en een PJC-er scoorde weer en de 0-3 was een klassieke tikkie terug Jaap!  En toch, mede omdat tegenstander P.J.C. 2 bij tijd en wijle ook niet zo’n solide indruk maakte, stond het in een mum van tijd weer 2-3. Eerst kopte Mauro Badpak een afgemeten corner van onze invaller voorwaarts Bear v/d Mear (da’s Fries) binnen en niet veel later gleed PJC-aanvoerder Jurrie Kluiter een lage voorzet van Matthijs Jonker achter zijn eigen doelman. Rust 2-3.

 

Tijdens de rust de inmiddels zo bekende tradities: Romano uit het Westen die nog maar weer eens een tabakje aansteekt, onze doelman Cherjan die al peinzend met zijn gezicht in zijn handen hardop zijn twijfels uitspreekt over de gemeenteraad van Groningen na alle commotie met betrekking tot de tramplannen in de stad, een aantal bierwindjes links en rechts en Mauro Badpak die op een ingezeepte douchevloer toch nog weer een ultieme vruchteloze poging onderneemt om een spagaat te produceren. Arme Mauro.

 

De tweede helft, ach ja de tweede helft………………. Het zelfde laken een pak eigenlijk. We probeerden tamelijk machteloos de gelijkmaker te bewerkstelligen, maar oogden achterin vooral ook kwetsbaar. Eerst werd Amir Hankic van P.J.C. 2 geen strobreed in de weg gelegd, zijn rollertje rolde via de paal binnen, en daarna was het de beurt aan Appie N. voor een gevalletje waarom gemakkelijk als het ook ingewikkeld (lees: achterwaarts) kan. Appie kiest nooit voor de weg van de minste weerstand en dat valt hem zeker te prijzen, maar hij maakt het zichzelf daarbij ook nogal eens lastig. Diepe bal richting Appie, Appie kan in principe het leer met zijn favoriete rechter voet het Boelo Tijdenskanaal in rossen, maar hij kiest er voor om zich op het laatste moment om te draaien en hij poogt de bal vervolgens met een hakbal door de benen van de tegenstander weg te werken. Ging mis, jammer Appie, eindstand 2-5.

 

Bij deze het dwingende advies aan u, begrijpend lezer, om mijn complete inleiding als niet geschreven te beschouwen. Ik kan namelijk na afgelopen zondag niet anders concluderen dan dat de wanprestaties niets te maken hebben met een gebrek aan (wedstrijd)mentaliteit, ongeconcentreerdheid of iets in die geest. We komen mijns inziens in de huidige samenstelling simpelweg tekort op veel fronten om een serieuze tegenstander te kunnen zijn in de reserve derde klasse F. Dat is weliswaar een harde constatering, maar dan is daar altijd nog een oude Godenzonder uitspraak die luidt: Boeten de Godenzondes kwalitatief gezien nogal in, heeft het totaal geen zin om bij de pakken neer te gaan zitten, want wie bij de pakken zit, zit niet aan den toog, blijft ’s mans strot derhalve ook na de pot dus nodeloos droog. En dat zou pas echt rampzalig zijn………

 

*zware pantserplaat

*linker voet

 

Erik Rouppé

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Erik Rouppé, Raging Red Bull Nonko, Alwin v/d Boom, Appie N, Rob Müller, Mauro Badpak, Romano uit het Westen, Matthijs Jonker, Zijne excellentie de heer Van Bree, Bear v/d Mear (da’s Fries) (60. De Clown)

 

Statistieken:

Toeschouwers: 20? (Henk Kruizinga was er volgens mij namelijk ook weer)

Godenzonde of the match: Appie N. (onnavolgbaar)

Citaat van de dag: “Oeps, sorry!” (velen)





30 september 2012

 

Godenzondes: futloos, inspiratieloos, kleurloos, krachteloos, machteloos, hopeloos, kansloos

 

Soms is bier om kwart voor één in de middag lekker,……………..…soms niet.

Na een periode van exact één week, zes dagen, tweeëntwintig uur en vijftien minuten ongeslagen te zijn geweest, vooral vanwege het feit dat we de vorige week niet in actie hoefden te komen, stond voor de spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, de lastige uitwedstrijd tegen de Groninger Knuppeltjes 4 oet Stad op het programma. Diezelfde Groninger Knuppeltjes die ons het leven in het verleden zo zuur maakten. Het ene jaar hadden ze hun complete terrein verstopt en het jaar daarna hadden ze de hele mikmak stiekem aan de andere kant van de weg gelegd. Fonkelnieuw terrein uit de grond gestampt. Wisten wij veel, maar zie dan maar eens als oet de veenkloeten getrokken eerappelboer met een derdehands navigatiesysteem van de Welkoop uit 1972, aan de andere kant van de weg een ingang te vinden. Hadden we die bende eindelijk met veel moeite getraceerd, werden we ook nog even doodleuk met 9-0 van de surrogaatsprieten getikt door een voor onze begrippen zeer dynamisch elftal. Nou gebiedt mij de eerlijkheid te zeggen dat dynamiek een relatief begrip is. Voor ons is een cornervlag in de wind toch ook al tamelijk bewegelijk, maar dit geheel terzijde.

 

“Jullie zijn een kwartier te laat, archeologische warmwaterhoofden”, briest Zijne excellentie de heer Van Bree in onze richting, om kwart voor tien in de ochtend op het Erik-Rouppé-sportpark in Veelerveen, alwaar we altijd vertrekken voor onze uitwedstrijden. “Als ik toch eens een keer meer dan twaalf spelers tot mijn beschikking zou hebben………..”. Hij weet echter ook wel, net als wij, dat dit nog nooit het geval is geweest, nu het geval niet is en nimmer het geval zal worden. “Nu je er toch over begint……….hoeveel heb je er bij elkaar weten te scharrelen, Thijs?”, vraag ik alsof mijn hypocriete neus bloedt. “Met mij en Wubbo erbij op de kop af twaalf”, repliceert Zijne excellentie de heer Van Bree. “Gôh, dus weer een wissel”, denk ik bij mezelf en een onbehaaglijk gevoel maakt zich van mij meester. “Ja, ik heb Wubbo zijn pilletjes ook in mijn zak, Erik”, gaat hij snel verder, voor ik mijn volgende vraag op hem af kan vuren. “Als ik zo doe zegt Mauro Badpak (hij maakt met zijn bovenlichaam een halve draai om zijn lengteas en probeert met zijn rechter elleboog zijn linker heup aan te tikken), dan trekt het wat bij mijn musculus rhomboideus minor en ik ben daarnaast ook nog verkouden”. Geen hond die snapt waar Mauro het over heeft, maar we geven hem snel een buutsdouk en toch het dringende advies mee om dan maar niet zo te doen. “Kom, wie goan noar Stad tou, even de Grunneger Knuppeltjes van hun aigen kunstgrasmatje speul’n”, besluit Zijne excellentie de heer Van Bree ten slotte. Recht zo die gaat.

 

En ook deze keer hadden de Groninger Knuppeltjes een verrassing voor ons in petto, voor wat betreft het speelveld. Nu werd er weer niet, zoals we allen verwachtten, gekozen voor het surrogaatsprietenveld voor de kantine in het zicht van de bierpomp, maar voor de levensechte grasmat van de SV Lycurgus aan de achterkant van de kantine. Gelukkig voor ons betreft het één en dezelfde sportcomplex.

We hadden na een drietal minuten op voorsprong kunnen komen als Mauro Badpak zijn licht geïrriteerde voorhoofdsholten iets beter tegen de bal had weten te krijgen, na een afgemeten voorzet vanaf onze rechter flank van Robert Rambo Sprik, maar hij miste jammerlijk. “Luchtdoelraket gelanceerd, maar target gemist, sergeant!”, bulderde Robert over het veld en hij sprong in de houding. Je moet je toch ook gewoon doodschamen met zo’n vent. Stompzinnige strepenlikker. De gemiste kopbal van Mauro was meteen ook zowat het enige wapenfeit van de Godenzondes van de gehele wedstrijd. Wat wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, vervolgens in de resterende zevenentachtig minuten op het hoofdveld van de SC Lycurgus deponeerden was van een dusdanig gehalte dat het bijna lachwekkend werd. Lachen als een veenkoloniale boer met koeskillen in dit geval. De wedstrijd was binnen twintig minuten gespeeld. Slap verdedigen, geklungel op het middenveld en natuurlijk de scheidsrechter waren hier debet aan. Ruststand 3-0.

 

Tijdens de rust wederom de bekende plichtplegingen en handelingen, maar toch ook sinds enige tijd wat onvrede en teleurstelling bij een aantal Godenzondes over de zeer matige vertoning gedurende het eerste bedrijf. Gelukkig pareerde hobbypsycholoog Wim Reer de naderende depressie, zoals eigenlijk alleen Wim dat kan. Hij begon zijn relaas over het feit dat deze wanprestatie geen wig mocht drijven tussen onze zo hechte broederschap, hij vervolgde zijn betoog met voor mij wat onduidelijke termen als “het kan gebeuren” en “we zijn de jongste niet meer” en “volgende keer beter”, om tot slot te eindigen met de wetenschap dat de tsunami in Japan van vorig jaar veel erger was. Daar had Wim wel een punt. Die Wim. Onze doelman Cherjan zat al die tijd in gedachten verzonken in een hoekje. Hij dubde, naar later bleek, nogal over of hij nu voor of juist tegen de forenzentaks moest zijn. Mauro Badpak stond er half gedraaid naast en snoot voorzichtig zijn neus met een van pijn vertrokken gezicht. Het valt niet altijd mee om een Godenzonde te zijn, dat moet gezegd.

 

Aanvankelijk leken we de Groninger Knuppeltjes wat meer partij te kunnen bieden in de tweede helft en heel even leken ze zelfs licht te wankelen, maar het spel aan Godenzonder zijde bleef veel en veel te slordig om de Knuppeltjes echt in de problemen te kunnen brengen. Graatje Dekker schoot in die fase nog wel een keer hard op doel, maar de doelman van de roodhemden tikte het leer bekwaam uit zijn linker benedenhoek. Niet veel later was het pleit op symptomatische wijze beslecht. Corner Godenzondes afgeslagen, Godenzondes kijken bal en tegenstander bewegingsloos na hoe die in eendracht het speelveld oversteken, doelman Cherjan volstrekt kansloos, 4-0. In de resterende vijfentwintig minuten scoorden de Groninger Knuppeltjes nog twee keer, waarna de arbiter een eind maakte aan onze misère. Eindstand 6-0.

 

Andermaal een fikse tik op de neus in Stad tegen de Groninger Knuppeltjes. Goede ploeg hoor, begrijp me goed, maar als we onze tegenstanders gedurende de rest van deze competitie niet meer tegenstand kunnen en/of willen bieden dan dit, dan is het noit bèst en zullen de punten schaars blijven. Aan de andere kant kun je je hardop afvragen wat het uitmaakt. Er zijn zeer weinigen die zich er echt druk om maken. Bovendien zijn er volgens Wim veel ergere dingen op de wereld, al kon ik ze vlak na de wedstrijd persoonlijk niet echt bedenken, hoe goed ik mijn best ook deed………

 

Erik Rouppé

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Wim Reer, Raging Red Bull Nonko, Wubbo Z-side Mulder, Erik Rouppé, Robert Rambo Sprik, Mauro Badpak, Graatje Dekker, Matthijs Jonker, Hansi Pflügler (60. Zijne excellentie de heer Van Bree), Romano uit het Westen

 

Statistieken:

Toeschouwers: moeilijk te zeggen met zo veel velden

Godenzonde of the match: Pfffff mag ik een keer overslaan?

Citaat van de dag: “Op een gegeven moment hadden we bijna een kans op een aanval” (Hansi Pflügler)



16 september 2012

 

Graatje Dekker kan ze aan de wilgen hangen

 

Soms is bier om kwart voor één in de middag lekker,…………………………..….soms niet.

Even voor alle kenners onder u (nietwetende blondines en Steven Mb Sonnema kunnen deze alinea dus overslaan). Wat hebben Paul Bosvelt, Ron Vlaar, Alfred Schreuder en Graatje Dekker sinds zondag 16 september 2012, 12:44 uur gemeen? Juist! Een fenomenaal doelpunt van eigen helft. Hoeveel mensen kunnen dat nu zeggen? Ja ik, maar dat kwam destijds, toen we nog echte zomers hadden, doordat het speelveld in Veelerveen knoeterhard geworden was door de aanhoudende droogte, waardoor mijn hopeloos mislukte dieptepass precies over de geblesseerd uitrijdende éénbenige blinde keeper van de tegenstander hobbelde. Dat telt niet, dat is prutsen van twee kanten met hoofdletter P. Nee, deze van Graatje was een echte. Ik kom er later uitgebreid op terug.

 

“Hoeveel mannen heb je kunnen vinden Thijs?” “Twaalf, mijzelf incluis, Erik”, antwoordt Zijne excellentie de heer Van Bree. “Elf en half dus, wat een luxe”, zeg ik vervolgens, terwijl ik me ineens realiseer dat ik de afgelopen week niet heb kunnen trainen. “We zouden eventueel kunnen wisselen in de rust, dat klopt toch Thijs”, vraag ik weer voorzichtig. Maar Zijne excellentie de heer Van Bree doet stoïcijns en laat niets los. “Hebben ze Wubbo al weer vrijgelaten?”, probeer ik het maar eens over een andere boeg te gooien. “Ja, gelukkig wel, maar hij speelt vandaag weer met het daarde”, antwoordt Zijne excellentie de heer Van Bree glimlachend, terwijl hij mij een in allerijl aangeschaft doosje Fluvoxamine toont. “Als ik zo doe”, zegt Mauro Badpak plotseling (en hij probeert met zijn hoofd tussen de knieën zijn linker schouder aan te raken) dan voel ik iets van een opkomend spierknoopje in mijn rechter kleine bilspier, als ik me niet vergis. We raden Mauro aan om dan maar even niet zo te doen. “Kom jonkse, wie goan hèn, eem Knoal draaie voetball’n leern”, besluit Zijne excellentie de heer Van Bree het gesprek.

 

Na een Godenzondewaardige warming-up (beetje door het lange natte gras slenteren, tabakje roken, dom lullen, beetje ongegeneerd aan het eigen scrotum krabben en af en toe een bal voor de grap in de penze van een medespeler rossen) begonnen we net als een week eerder op de werpheuvel van W.H.S.C. in Winschoten zeer behoorlijk aan de wedstrijd. Het zag er allemaal wel redelijk verzorgd uit en een aantal kansen viel ons in die fase ten deel, maar creëren is één en verzilveren is twee. Na ongeveer een minuut of twintig namen de gelouterde mannen van Knoal 3 het heft, geholpen door bij tijd en wijle geklungel aan onze zijde, voorzichtig over. Onze doelman Cherjan ranselde een aantal ballen fraai uit zijn doel, maar op de inzet van buiten de zestien van een Knoalster middenvelder moest ook Cherjan passen. De bal verdween met een sierlijke curve over de pijpenkrulletjes van voornoemde Cherjan in het doel. Toen nog geen vier minuten later ook de 2-0 aangetekend kon worden na uitermate slap verdedigen, leek de opgave zo maar ineens een schier onmogelijke te gaan worden. In de fase die daarop volgde werd het er bepaald niet beter op aan Godenzonder zijde. We waren de kluts enigszins kwijt geraakt en zie die dan maar eens weer te vinden. Dat is niet eenvoudig, ook niet voor Godenzondes klaarblijkelijk. Persoonlijk weet ik totaal niet hoe een kluts er uitziet bijvoorbeeld, maar dat geheel terzijde. We mochten van geluk spreken dat het tot aan de rust bij 2-0 bleef.

 

Tijdens de rust ook in Stadskanaal weer de gebruikelijke taferelen. Diepgaande bespiegelingen over de situatie in Syrië, Matthijs die hardop zijn zorgen uitspreekt over de nucleaire ontwikkelingen in Iran, onze doelman Cherjan die nu weer, vier dagen na de verkiezingen, wikt en weegt over de te formeren coalitie en Mauro Badpak die met zijn hoofd tussen zijn benen probeert zijn kleine bilspier aan een visuele inspectie te onderwerpen. Hij heeft het duidelijk zwaar.

 

Al vroeg in de tweede helft was feitelijk de wedstrijd gespeeld toen diezelfde Mauro Badpak het blijkbaar nodig vond om een Knoalster aanvaller binnen de zestien plat op de snoete te leggen. “Uitgeschakeld, missie volbracht kapitein!”, schreeuwde Robert Rambo Sprik meteen en hij sprong in de houding. Debiele zandhaas. Clubfenomeen Hiske de Vries voltrok het vonnis, 3-0. We dreigden vervolgens overlopen te gaan worden, maar er gloorde ineens weer wat hoop toen Romano uit het Westen, ondanks een vlagsignaal, zo maar alleen op de Knoalster doelman af mocht gaan. En als Romano één op één met de keeper komt, dan weet u het wel, 3-1. De 4-1, niet veel later, van spits Zuidema van Knoal 3 was echter onze definitieve nekslag. Het niveau aan Godenzonder zijde in de tweede helft was ook veel te mager om de Knoalster mannen in verlegenheid te kunnen brengen Dat we in de slotfase toch nog terug wisten te komen tot 4-2 en zelfs 4-3 kwam eigenlijk letterlijk uit de lucht vallen en was derhalve alleen van statistisch belang. Toch kan ik u de doelpunten niet onthouden en u weet inmiddels waarom. Mocht de 4-2 van Matthijs Jonker er al eentje zijn om in te lijsten (messcherpe counter via onze aalvlugge slalomexpert Aron Armando Ammersken), de 4-3 was er één om nooit meer te vergeten. Met nog een minuut of vier op de klokken besloot Graatje Dekker op ongeveer tien meter voor de middellijn om maar eens uit te halen. Logisch. Zijn langeafstandsraket zeilde met hoge snelheid richting De Gele Klap over de fraai glimmende schedelpan van de sprakeloze doelman Otcar Boekhoudt zonder eerst de grond te raken(!) in het net. Een staande ovatie viel Graatje ten deel (niet verwonderlijk aangezien er geen stoelen of banken waren, laat staan een tribune) en we raakten er allemaal een beetje opgewonden van. Het mooie was dat de mannen van Knoal 3 ook totaal perplex stonden. Er werd niets gezegd, er werd niet gewezen, er werd niet gescholden. Wie moet je in zo’n geval dan ook de schuld geven? Ja, doelman Oorwurm Boekhoudt stond net buiten zijn eigen zestien, maar dat is op zich geen fout. Wat een weergaloos doelpunt. Eindstand edoch 4-3.

 

Na twee lastige uitwedstrijden tegen W.V.V. en Stadskanaal hebben wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, slechts één schamel puntje weten te behalen. Dat kan beter, maar we konden in ieder geval zeggen dat we erbij waren daar op veld twaalf van de SC Stadskanaal. En Graatje? Die kan ze nu wel aan de wilgen gaan hangen, beter gaat het echt niet worden........

 

Erik Rouppé

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Wim Reer, Raging Red Bull Nonko (46. Zijne excellentie de heer Van Bree), Alwin v/d Boom, Erik Rouppé, Robert Rambo Sprik, Mauro Badpak, Graatje Dekker, Matthijs Jonker, Aron Armando Ammersken, Romano uit het Westen

 

Statistieken:

Toeschouwers: 48 gelukkigen

Godenzonde of the match: Cherjan de Wit

Citaat van de dag: “We kunnen W.V.V. 3 nu ook wel hebben” (spits Zuidema van Knoal 3/ voetballogica denk ik)

 





09 september 2012

 

De kop is er weer af voor de Godenzondes

 

Soms is bier om kwart voor twee in de middag lekker,…………....soms niet.

“Hoeveel man heb je Thijs”, vraag ik als altijd oprecht geïnteresseerd. “Het vaarde moet ook weer jongens, dus we moeten ons een beetje aanpassen”, antwoordt Zijne excellentie de heer Van Bree enigszins ontwijkend. “Maar hoeveel heb je dan, nu?”, vraag ik weer licht verontrust. “Op dit moment heb ik er nog maar tien”. Klap in mijn gezicht, paniek. Tien? Met dit weer? Wat een baggerzooi. “Alwin heeft mij vanochtend afgebeld, last van de pokkel en Wubbo Z-side Mulder heeft zich zojuist binnen vijfenveertig minuten in een depressie gevoetbald bij het daarde”. Ook knap. “Dus als we Wubbo, desnoods met een paar pilletjes uit zijn privé-putje krijgen, zijn we met hem erbij precies elf man en hij heeft er al een helft opzitten”, stotter ik. Rekenwonder, dat ik ben. Wat een baggerzooi. “En waarom spelen Rob, Robbie, Richard, Albert, Wim, Jans en al die andere matadoren niet?” “Geblesseerd, ziek zwak, misselijk, vijftig jaar getrouwd, afslankkliniek, werken, kleinkinderen jarig, klysmakuur, ik weet het niet jongens, maar feit is dat ze vandaag niet beschikbaar zijn”. “Wat een baggerzooi”. Ook nog net op het moment dat we op het heetst van de dag moeten aantreden tegen de hazewindhonden van W.V.V. 3. “Jongens ik voetbal hooguit nog één helftje, ik ben nu al kapot”, mompelt Wubbo Z-side Mulder. “Is in ieder geval al weer een helft meer dan een kwartier geleden”, denk ik bij mezelf. “Als ik zo doe (en hij probeert met zijn rechter wijsvinger over zijn hoofd zijn linker heup vast te pakken), dan trekt het een beetje van mijn rechter achillespees naar mijn linker lies”, doet Mauro Badpak er nog maar even een schepje bovenop. Wat een baggerzooi. “Dan moet je maar even niet zo doen, Mauro”. “Eigenlijk is het nou al veul te hoit om te voetballen en het is nog mor elf uur”, sputtert Graatje Dekker”. “Kom jongens we gaan, W.V.V. 3 even op een schroothoopje voetballen”, zegt Zijne Excellentie de heer Van Bree tenslotte. Jahoeoeoeoeoe, echt wel! Het seizoen 2012 – 2013 is ook voor de spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, van start gegaan. Wat een baggerzooi. Lekker hoor!!

 

Ondanks alle bovengenoemde ellende (hoeveel kan een mens of in dit geval voetbalploeg hebben, vraag je je af), waardoor we met een schier kansloos gevoel in onze prettig belegen, licht mollig gevormde lichamen afreisden naar Winschoten, begonnen we na een aarzelende start boven verwachting aan de wedstrijd. Op de stroperige langharige bullpen van W.H.S.C. creëerden we een aantal goede kansen en na een minuut of twintig kwamen we dan ook verdiend op voorsprong. Zijne excellentie de heer Van Bree legde aan voor een corner, waarna Aron Armando Ammersken van een meter of twaalf hard raak knikte. Echt lang mochten we er echter niet van genieten, aangezien onze gedrillde hydraulische sloophamer Robert Rambo Sprik het nodig vond om een Winschoter voorwaarts binnen de zestien onder het tweede honk te rammen. “Weer eentje neergelegd”, luidde zijn commentaar. “Je maintiendrai!” Die achterlijke militairen ook altijd. Als je het nog een keer doet Robert, doe het dan buiten die beruchte krijtlijntjes, wil je? Vindingrijk als wij altijd zijn, probeerden we de scheidsrechter nog van gedachten te laten veranderen, maar dat bleek al gauw een kansloze missie. Hij begreep het gewoon niet. Pennel, bal links van Cherjan, Cherjan weer met zijn volle verstand en overtuiging naar rechts, 1-1. Ondanks deze zoveelste tegenslag bleven we verrassend goed spelen. W.V.V. 3 bood ons ook alle ruimte daarvoor, dat dient gezegd, maar toch. Andermaal kregen we een aantal kansen. Graatje Dekker poeierde de bal uit een vrije trap op de onderkant van de lat, maakte tussendoor ook nog achteloos een homerun (bal over een metertje of tachtig richting d’Olle Witte), Aron Armando Ammersken kopte in kansrijke positie een keer over en diezelfde Aron schoot vrij voor de keeper een keer een gat in de Winschoter lucht. Soort stootslag, maar dan anders. Kaalf. Het was Zijne Excellentie de heer Van Bree in hoogsteigen persoon die ons weer aan een voorsprong hielp. Een op het oog mislukte voorzet viel bij de tweede paal binnen, 1-2. Rust.

 

Gedurende de rust ook in het seizoen 2012-2013 onze zo karakteristieke handelingen en dialoogjes. Romano uit het Westen die een stuk of drie tabakjes wegwerkt, Wubbo Z-side Mulder die er bijligt als een zojuist neergeschoten en onverdoofd gecastreerde waterbuffel, Mauro Badpak die klaagt over zijn overstrekte oorlel of zo en onze doelman Cherjan die in diepe gedachten verzonken lijkt. Cherjan is klaarblijkelijk nog zwevende en over drie dagen moet hij al beslissen. Wordt het Rutte, Wilders, Samson, Roemer, Van der Staaij of kiest hij voor een stevig blok in het midden? Gezondheidszorg, woningmarkt, Europa, hypotheekrenteaftrek, jeugdwerkloosheid, homo-emancipatie, integratie, Wajong, bankencrisis, Griekenland, het maakt hem gek en het houdt hem zichtbaar bezig.

 

Door in de tweede helft van de wedstrijd zo veel mogelijk te temporiseren, probeerden we de drie punten over de streep te trekken. Eén geniepig kansje verzilveren zou helemaal mooi en wellicht voldoende zijn voor de overwinning. Hoewel het niveau aan onze zijde in het tweede bedrijf niet kon tippen aan die van de eerste helft, gaven we weinig kansen weg en de klok tikte ondertussen lekker gestaag door. Nadat we een aantal dotten van kansen op de 1-3 hadden laten liggen, sloeg het noodlot in eendrachtige samenwerking met de leidsman tien minuten voor het einde van de wedstrijd toe. Diepe bal over onze linker flank, buitenspel, Adriaan’s vlaggetje omhoog, scheidsrechter laat echter doorspelen, 2-2, rapen korte tijd redelijk gaar. Kwam van de temperatuur. Het was gewoon te warm om er echt lang over door te janken. De laatste tien minuten gebeurde er nog van alles. W.V.V. 3 ging schoorvoetend op zoek naar meer en kreeg die ook nog bijna toen onze doelman Cherjan op een gegeven moment in plaats van de bal zijn eigen zestienmetergebied probeerde weg te trappen. Aan de andere kant kregen wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes een drietal honderd procent kansen, maar zowel Aron Armando Ammersken als Romano uit het Westen wisten deze vakkundig om zeep te helpen. Eindstand 2-2.

 

We klagen weer dat het een lust is, alles doet ons zeer, we voelen ons te dik, we zijn versleten, er deugt van de hele wereld weer niks, we lullen als Brugman en pakken verrassend een punt tegen het jonge W.V.V. 3, waar het er achteraf met gemak drie hadden kunnen en misschien wel moeten zijn. We zijn weer aan de rol. Heerlijk!! Volgende week uit naar Stadskanaal 3. Volgens Graatje Dekker een maale ploug en hij kan dat weten, hij is geïnformeerd. We zullen zien of we er weer elf kunnen vinden…………………………

 

Erik Rouppé

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Graatje Dekker, Raging Red Bull Nonko, Robert Rambo Sprik, Erik Rouppé, Wubbo Z-side Mulder, Mauro Badpak, Romano uit het Westen, Matthijs Jonker, Zijne Excellentie de heer Van Bree, Aron Armando Ammersken

 

Statistieken:

Toeschouwers: 36

Godenzonde of the match: Aron Armando Ammersken (al had een doelpuntje meer wel gemogen)

Citaat van de dag: “Dat wordt niks vandoage” (iedereen)





februari/ maart 2011

 

In nieuw tenue met de blote bipsen door het stof, edoch vlot herstel Godenzondes

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,………….soms niet.

Er kan een door de bank genomen speler van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzonde, over het algemeen nogal het één en ander ontzegd worden, maar een ieder die het keurkorps van het succesduo Van Bree/ Van Bree een warm hart toedraagt zal stante pede beamen dat ook maar een sprankje gebrek aan ambitie daar niet onder geschaard dient te worden. Het moet echter wel gezegd, dat het de mannen bepaald niet gemakkelijk wordt gemaakt de laatste tijd. Een, zelfs voor Godenzonder begrippen, abnormaal lange lijst aan blessures bij zowel het eerste elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenkleuters, als ook bij de Godenzondes zelf, zorgt voor een alsmaar wisselende, ouder en zwaarder wordende samenstelling en ook u zult begrijpen dat een team daar doorgaans niet beter van wordt. Voorgaande klinkt misschien als een erg goedkope smoes als inleiding naar een hernieuwde eclatante deceptie en dat is het voor een deel ook. Excuses daarvoor.

 

26 februari 2012 H.S.C. 2 – Veelerveen 2; eindstand 8-0.

 

Na een warming up in stijl (bij een temperatuur van ongeveer een graad of één, drie minuten achtereen een beetje doelloos over het veld sjokken met de beide blote armen over elkaar geslagen tegen de snijdende kou in ons fonkelnieuw tenuetje; tijd om de bal een keer of vijf met voorbedachten rade in de struiken of een willekeurige dug out te rammen was er helaas niet) leek het de eerste vier minuten van de wedstrijd nog wel ergens op, maar twee persoonlijke fouten in onze defensie zorgden er voor dat we betrekkelijk vroeg in de wedstrijd nog betrekkelijker kansloos waren. Onze doorgaans zéér betrouwbare invaller sluitpost Arjan Redt overkwam eerste een klassieke “los maar, oeps, sorry, mijn schuld, doelpunt” en onze op huurbasis spelende rechter vleugelverdediger Appie Torpedo Norder besloot bij een hoge bal op het laatste moment zijn zeer gewaardeerde zilvergrijze haardos in te trekken, als was hij een timide aangelegen menstruerende roodwangschildpad met een identiteitsissue. Nog voor de rust hadden we zelfs een derde treffer te incasseren. Rust 3-0.

 

Tijdens de thee had een substantieel gedeelte van alle Godenzondes nog wel een sprankje hoop op een goede afloop, maar al vroeg in de tweede helft werd die hoop vakkundig in de Sappemeerster bodem geboord door de plaatselijke kraaien, toen de 4-0 achter onze invaller doelman Arjan Redt werd gewerkt. Alle Godenzondes technisch knock-out en Mauro Badpak en Wim Reer in hoge mate teleurgesteld. Gevolg: nog vier pijnlijke tegentreffers en aldus een niets aan het toeval overlatende 8-0 nederlaag.

 

Bij nader inzien had ik al voor de aftrap wel kunnen weten dat het geen gelukkige ochtend zou gaan worden. Tenminste als de gebruikelijke toss voorafgaand aan de wedstrijd maatgevend zou zijn. Wat was namelijk het geval. Zoals te doen gebruikelijk laat de scheidsrechter bij de toss altijd de bezoekende partij de keus, kop of munt. Even voor alle blondines en Steven Mb Sonnema: dat was ik in dit geval, wanneer de wedstrijd in Veelerveen zou zijn gespeeld zou het anders zijn geweest. De scheidsrechter met strenge, doch rechtvaardige blik tegen mij: “kop of munt!” Ik een beetje geschrokken: “Eeh, doe maar munt”. Vervolgens graait de gedecideerde arbiter één of andere Dirk-van-den-Broek-winkelwagenmuntje uit zijn broekzak, werpt het ten hemel, kijkt het na, tot het na een seconde of drie neerploft op de Sappemeerster bodem. “Kop”, zegt de man met de fluit en laat de HSC-aanvoerder de keus, doel of aftrap. Nou heb ik best veel kunnen ontdekken aan die flippo in het gras, maar een kop heb ik er niet op kunnen ontwaren. Soms moet je dingen gewoon ook niet willen begrijpen......................

 

Opstelling Godenzondes:

Arjan Redt, Wim Reer, Appie Torpedo Norder, Alwin v/d Boom (60. Janske Zwaarman), Erik Rouppé, Nonko Huttinga, Mauro Badpak, Graatje Dekker, Zijne Excellentie de heer Van Bree, Aaron Armando Ammersken, Romano uit het Westen

 

Statistieken:

Toeschouwers: 18

Godenzonde of the match: dat mag u voor één keer zelf bedenken.

Citaat van de dag: “Het ging op zich best aardig, jammer van die acht tegentreffers” (Romano uit het Westen)

 

4 maart 2012 Veelerveen 2 – B.N.C. 2; eindstand 2-0

 

Met de bibbers in de pokkel en de lange onderbroek (zo warm is het immers nog niet) nog wapperend voor onze behaarde bejaarde konten stond exact een week later de thuiswedstrijd tegen B.N.C. 2 uit Finsterwolde op het programma. Weer eens een keer geen wissels. Precies elf manschappen, huurling Appie Torpedo Norder, onze leider Zijne Excellentie de heer Van Bree en het obesitasduo Wubbo Z-side Mulder en Janske Zwaarman incluis. Positief detail voorafgaand aan de partij was het feit dat onze van onze eigen gouden initialen voorziene inloopshirts eindelijk ter beschikking gesteld en/of gevonden waren. Het zijn echt prachtige inloopshirts, alleen daarvoor al zou u een keer moeten komen kijken, al komen ze niet bij iedereen helemaal uit de verf. Bij het bestellen van die dingen werd ons namelijk het advies meegegeven om een zo klein mogelijke maat te bestellen. God mag weten waarom, maar een aantal Godenzondes heeft hier gehoor aan gegeven. Een paar niet nader te noemen Godenzondes loopt er bij de warming up nu dus bij als een Brits tienermeisje in naveltrui: ongeveer een kilo of achtennegentig, net te veel haar op de benen, maar wél cupmaatje C. Alleen de tattoo’s en de piercings ontbreken. Gelukkig voor die jongens duren onze warming ups nooit lang.

 

Het zou nooit en te nimmer een hoogstaande pot voetbal worden tegen het eveneens tamelijk gehavend B.N.C. 2, maar zo heel af en toe leek het ergens op. Niet dat we de bitterballen uit de frituurpan speelden, maar met de hierboven beschreven 8-0 nederlaag nog in het geheugen waren er weinigen die daar over klaagden. Aan beide kanten werden er hoegenaamd geen kansen gecreëerd en/of weggegeven. Het zal u, een verdwaalde blondine en Steven Mb Sonnema daargelaten, dan ook niet verwonderen dat er doelpuntloos werd gerust.

 

De tweede helft was ongeveer een kwartier oud toen de Godenzondes op een 1-0 voorsprong kwamen. Een voorzet vanaf onze linker flank werd op uiterst onorthodoxe wijze en onbedoeld door Romano uit het Westen (zie de beelden van Jan Doornkamp op Youtube) verlengd tot bij de tweede paal, alwaar Zijne Excellentie de heer Van Bree geposteerd stond om het leer zo mogelijk nog onothodoxer binnen te werken (zie daarvoor eveneens de beelden op Youtube). Met nog een klein half uur te spelen veranderde er in eerste instantie niet gek veel aan het spelbeeld tot dan toe, maar gaandeweg werd de dreiging van B.N.C. 2 wel wat groter. Onze doelman Cherjan moest daadoor een aantal keren handelend optreden. Een dikke vijftien minuten voor het einde van de wedstrijd viel de beslissing. Het was Graatje Dekker in hoogsteigen persoon zelf die de bal ter hoogte van de middellijn veroverde op een Finnewolmer verdediger, waarna hem vrije doortocht werd gegund tot aan keeper Geert Smit van B.N.C. 2. Waar Graatje in het verleden nog wel eens plotseling wilde gaan liggen in een dergelijke situatie (uit pure vermoeidheid, toevallig weet ik dat schapen dit ook doen, maar dit geheel terzijde), rende hij nu als een dol geworden ooi op het vijandelijk doel af. Binnenkantje rechts, strak in de kruising, Geert Smit kansloos, eindstand 2-0.

 

Het personeeltekort lijkt onderhand structureel te worden. Meerdere Godenzondes en –kleuters zijn definitief, of in ieder geval voor langere tijd uit de roulatie. Tijd voor de Godenzondes om hier creatief op in te spelen. Wellicht dat er op relatief korte termijn nieuwe bronnen worden aangewend. Een doorsnee Godenzonde is namelijk niet voor één gat te vangen. Een oude Godenzonder uitspraak luidt dan ook: “wanneer steeds meer mensen af gaan haken, gaat een Godenzonde hier niet van in de war geraken, hij laat zijn strijdmakker niet in z’n inloophempie staan en wendt gewoon nieuwe bronnen aan”. Wordt vervolgd…………

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Wim Reer, Nonko Huttinga, Erik Rouppé, Appie Torpedo Norder, Wubbo Z-side Mulder, Mauro Badpak, Graatje Dekker, Janske Zwaarman, Zijne Excellentie de heer Van Bree,  Romano uit het Westen

 

Statistieken:

Toeschouwers: 12½ (Pinkeltje was er ook weer een keer)

Godenzonde of the match: Mauro Badpak (bijzonder nuttig)

Citaat van de dag: “Van harte met je eerste drie punten van het seizoen, Wubbo!” (een ieder).





november/ december 2011

 

Godenzondes dupe van gokschandaal, onkunde of onbeduidendheid?

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,………………….soms niet.

Godallemachtig, wat zaten wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes een partijtje heerlijk trots te wezen op ons zelf, in de kleedkamer van de vv Haren. Vier wedstrijden gespeeld, tien punten, gedeelde koploper in de reserve derde klasse F. We hadden zojuist de plaatselijke jonkies even met 7-2 de les gelezen. Het kon niet op. Als een aap met drie piemels, arrogant bijna. Maar arrogantie is minachting van wat waar is, en zie daar: we zijn een slordige zes wedstrijden verder en we hebben welgeteld één zielig puntje weten toe te voegen aan ons voornoemd totaal. Trots heeft plaats gemaakt voor gepaste nederigheid, maar zoals Confusius het lang, héééél lang geleden al zei: “nederigheid is de grondslag van alle deugden” en dat geeft kracht. Ik zou er een filosofische oude Godenzonder gezegde aan toe willen voegen: “Al biedt een Godenzonde week in, week uit zijn tegenstander het nederige hoofd, er is edoch niet één die niet ook maar een beetje niet meer in zichzelf gelooft” (voor alle blondines en Steven Mb Sonnema: niet + niet ook maar + niet = wel).

 

20-11-2011 Veelerveen 2 – W.V.V. 2; eindstand 2-5.

 

Na een redelijk gelijkopgaande eerste helft (2-2) volgde een aller-beroerdste tweede part. Drie punten in de Winschoter tasjes weer mee naar Sodem. Godenzonder doelpuntenmakers: Graatje Dekker en Mauro Badpak. Godenzonde van de wedstrijd: Jans Zwaarman, al hoefde hij maar één helft in actie te komen.

 

04-12-2011 Veelerveen 2 – Musselkanaal 2; eindstand 2-3.

 

Musselkanaal 2 uit het gelijknamige Musselkanaal bleek in het recente verleden een over het algemeen redelijk aangename tegenstander te zijn voor de Godenzondes, ondanks de toch vaak hoge klasseringen van de groenhemden. Vorig seizoen wisten de mannen van Zijne Excellentie de heer Van Bree namelijk twee keer met relatief gemak (4-0 en 0-4) te winnen, maar een blik richting het Knoalster spelersarsenaal voor aanvang van de wedstrijd leerde mij in ieder geval dat de samenstelling een geheel andere was dan tijdens onze vorige ontmoetingen. Het leek nu meer op een mix van jong, oud en fit in plaats van jong, dik en nog bezopen.

Na een inspirerende warming-up (beetje vergelijken wie het langste remspoor heeft in zijn Tena Protective Underwear level 4, één keer heen en weer strompelen van zijlijn naar zijlijn, beetje ouwehoeren over het wel of niet bestaan van Sinterklaas en of Zwarte Pieten borsten kunnen hebben, en af en toe is er iemand die de bal zo hard mogelijk in de dug out rost om vervolgens met een groepje van een man of zeven te gaan kijken hoever het leer terug het veld inrolt) begonnen we zelfverzekerd aan de pot tegen Musselkanaal 2. Bij tijd en wijle werd er zorgvuldig gecombineerd en gefundeerd aangevallen onder aanvoering van ons centrale gelegenheidsduo achterin, Kelly Schortinghuis en ex-Veendammer bierwind Lars van Ravenhorst. Toch kwamen we na een half uur spelen op een 0-1 achterstand. Rechtsback Koekie Scholtens van Musselkanaal 2 snelde over onze rechter flank (uit mijn rug; duizend maal excuses aan een ieder die de Godenzondes een warm hart toedraagt en Steven Mb Sonnema, hoewel hij er alweer niet was) en leverde een loepzuivere voorzet af op spits Van Troost, 0-1. Niet gek veel later stond het zelfs 0-2: corner Godenzondes, Mauro Badpak kan inkoppen, maar raakt het leer net niet vol genoeg, counter Musselkanaal 2, dan weet u het inmiddels wel en wij nu ook, 0-2. Toen het voor de rust ook nog 0-3 werd, leek de strijd weer eens een keer vroegtijdig gestreden. Toch even ter illustratie van het één en ander een gedetailleerde beschrijving van tegendoelpunt numero drie: balbezit voor Musselkanaal 2 aan onze rechter kant, hoge voorzet praktisch vanaf de middellijn richting de duidelijk buitenspel staande spits Van Troost, onze kalklijnwimpelaar Adriaan steekt gedecideerd en terecht zijn vlag ten hemel, maar scheidsrechter Ten Have doet alsof zijn neus bloedt. Linksback Rouppé van de Godenzondes onderneemt een uiterste poging om de bal weg te koppen, maar gaat uiteindelijk een beetje koeachtig ogend onder de bal door. Hij valt daarna wat onbeholpen als een zojuist neergeschoten koelkastdeur, zoals eigenlijk alleen hij dat kan, op de grond. Van Troost, op zijn beurt, tracht op doel te schieten, maar maait volkomen over of naast de bal, linksback Rouppé van de Godenzondes, danig gedesoriënteerd, probeert na ongeveer een halve minuut op te krabbelen, is echter volstrekt kansloos, onze keeper Cherjan snijdt in de tussentijd Van Troost de pas af en legt hem onreglementair plat op de snoete binnen de beruchte lijnen. Met zijn rechtervuist(!) weet Van Troost, ondanks de in allerijl te hulp schietende ex-Veendammer bierwind Lars van Ravenhorst, het leer in het doel te werken, 0-3. Hamvraag: op welk moment ging het in hemelsnaam fout? Corruptie? Zag ik een knipoog? Omkoping? Ik denk het niet, er zijn immers überhaupt geen belangen. Scheidsrechter Ten Have constateerde in ieder geval geen onregelmatigheden of hij floot niet om wat voor reden dan ook en dat accepteren wij. Al jaren overigens. Dit hoort nu eenmaal bij het voetballen in de reserve klassen en wij weten dat. Zoals een Amerikaanse para in de vroege ochtend van 6 juni 1944 tijdens operatie Overlord tegen een lotgenoot zei: “de enige fout die je maakt is dat je nog niet hebt geaccepteerd dat je eigenlijk al dood bent”. Het is een kwestie van interpreteren en verwachtingspatronen. Wanneer deze juist zijn, heeft niemand moeite met wat voor beslissing en diens gevolgen van welke scheidsrechter dan ook, meneer Ten Have in het bijzonder.

 

In de tweede helft gingen we met Sjonnie the Gun in de plaats van Mauro Badpak gepassioneerd op zoek naar een treffer, maar ondanks een paar doelrijpe kansen wisten we het net aanvankelijk niet te vinden. Pas in de zeventigste minuut leek er een einde te komen aan onze hatelijke nul op het scorebord toen scheidsrechter Ten Have gedecideerd en op een drafje, zoals eigenlijk alleen scheidsrechter Ten Have dat kan, naar de strafschopstip wees, na een terroristische aanslag op het lichaam van Sjonnie the Gun door de Musselkanaalster doelman. Aan een rode kaart wordt, hoewel Sjonnie wel degelijk doorgebroken was en alleen op de keeper af kon gaan, in zo’n geval dus ook niet gedacht in de reserve derde klasse F. Kwestie van al dan niet geschepte verwachtingen, ik legde het u al uit. Graatje Dekker schoot onberispelijk binnen, 1-3. Toen we nog geen tien minuten later, nadat Sjonnie the Gun ook al een dot van een kans had laten liggen, wederom op een drafje een strafschop kregen toegewezen en Graatje ook dit buitenkansje in dezelfde hoek wist te verzilveren, gingen we een opwindend slotkwartiertje tegemoet. Er gebeurde van alles en zo af en toe dreigden de gemoederen wat te verhit te raken (waar maken we ons in Godsnaam soms druk over, ik weet het wel), maar echte kansen en dus doelpunten kregen we niet meer. Eindstand 2-3.

 

Om zeer uiteenlopende redenen hebben we helaas een groot aantal punten moeten laten liggen in de laatste zes wedstrijden. “Dat kon beter” , luidt een oude Oost-Groninger uitspraak. Aan de andere kant zijn er ook verrekte weinig mensen die zich er echt druk om maken. Wat bijvoorbeeld voor menig Godenzonde veel belangrijker is, is het door Harry Koolhof aan ons verstrekte polo voor na de wedstrijd. Stoer shirtje hoor, zijn we erg trots op. We lijken wat dat betreft wel een kluitje tieners. Alleen onze kalklijnwimpelaar Adriaan wenst er niet mee gezien te worden. Die is ook al wat ouder. We krijgen straks ook nog afgemeten inloopshirts met onze eigen initialen en onze sponsoren Arjan Borgers Tweewielers en Grondverzetbedrijf Reit gaan ons zeer binnenkort in een fonkelnieuw tenuetje hijsen. Wie maalt er dan nog om die paar punten. Volgende week de laatste wedstrijd van het jaar. Hopelijk zijn onze inloopshirts er dan ook, Ik krijg er eentje met de initialen E.R, zodat iedereen weet dat ik er ook bij hoor. Vet cool man……

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, ex-Veendammer bierwind Lars van Ravenhorst, Nonko Huttinga, Kelly Schortinghuis, Erik Rouppé, Aaron Armando Ammersken, Mauro Badpak (46. Sjonnie the Gun), Graatje Dekker, Rossie Moed, Heppie Friet, Romano uit het Westen

 

Statistieken:

Toeschouwers: 12.

Godenzonde of the match: Nonko Huttinga (ouderwets onpasseerbaar).

Citaat van de dag: “Moi Geerd” (aanvoerder Van Troost vlak voor aanvang van de wedstrijd tegen mij)

 

Erik Rouppé





06 november 2011

 

Godenzondes lullen twee punten naar de filistijnen

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,……………….soms niet.

Zeer waarschijnlijk één of andere epidemische aanval van rode hond, de mazelen, kinkhoest, collectieve darmkrampjes of in ieder geval iets van dien aard bij de spelers van het eerste elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenkleuters, moet er de oorzaak van zijn geweest dat Zijne Excellentie de heer Van Bree reeds pal na de donderdagavondtraining had te kampen met de nodige personele problemen. Niet voor het eerst dit seizoen, maar daarom zeker niet minder opvallend. Elke Godenzonde die in ieder geval nog in staat werd geacht het speelveld in de breedte binnen ongeveer anderhalf uur zonder onderbreking of stok te kunnen oversteken, werd zonder mededogen doorgeschoven naar voornoemd eerste elftal. Gelukkig werd een zestal spelers bereid gevonden de gevallen gaten weer bij de Godenzondes op te vullen. Invaller doelman Arjan Redt, Mauro Badpak (ik leg het u nog wel eens uit) en het obesitas-trio Wubbo Z-side Mulder, Janske Zwaarman en René Oetdhaaijer (hoef ik niet uit te leggen) zouden echter alle vijf hun mannetje meer dan staan en dat is nog een vreselijk clichématig understatement ook. Zijne Excellentie de heer Van Bree werd daarbij, om het zestal te completeren, ook nog eens gedwongen de gehele wedstrijd te spelen.

 

Ondanks, of zeer vermoedelijk mede dankzij, bovengenoemde invallers begonnen we na een gedegen warming-up (drie keer schijten tussen 9.40 en 9.50 uur, een beetje vergelijken wie nou de grootste bierpens heeft, Janske die een drietal natte winden over het veld laat schalmen, af en toe een bal zo hard mogelijk in de dug out rossen, peukje roken en een beetje doelloos met natte poten door het gras slenteren) heel behoorlijk aan de partij tegen Gasselternijveen 2. Als welhaast ouderwets circuleerde de bal van voet naar voet en af en toe wisten we door de Gasselternijvener defensie te penetreren. Eén van deze aanvallen werd op een ietwat onorthodoxe wijze met buitenkantje rechts door Graatje Dekker binnengeschoten, 1-0. Ook in de fase daarna, tot aan de rust, bleven we de bovenliggende partij, waarbij met name het eerder aangehaald zestal opviel door het gemak waarmee ze mee wisten te draaien en de rust die ze daarbij etaleerden. Bas Homan (kent u hem nog?) zou een heuse “driewerf hulde!!” wellicht niet hebben kunnen onderdrukken, maar hij was er niet. Rust 1-0.

 

In de vijftigste minuut leukte Mauro Badpak zijn toch al zo verdienstelijk debuut voor de Godenzondes nog wat op, door van respectabele afstand raak te knallen, 2-0. Toen niet veel later onze goaltjesdief Heppie Friet na een fraaie steekpass van Zijne excellentie de heer Van Bree zelfs de 3-0 liet noteren, leek er helemaal geen vuiltje meer aan de lucht en werd het een kwestie van consolideren, uitzingen en/of uitvoetballen. Het liep echter een beetje anders, het moet u, een enkele verdwaalde blondine en Steven Mb Sonnema als te doen gebruikelijk daargelaten, al wel zijn opgevallen aan de titel van dit meesterwerk. Wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, kwamen meer en meer in de verdrukking en wanneer een Godenzonde in de verdrukking komt, dan weet u het wel. Die gaat lullen. Lullen tegen zichzelf, lullen tegen een teamgenoot, lullen tegen de grensrechter, lullen tegen de scheidsrechter, lullen tot zijn kaken pijn doen. Een oude Veelervener gezegde luidt dan ook: “Een in verdrukking verkerende Godenzonde is bij tijd en wijle gelijk een oud wijf: hij gaat praten tot zijn bek er zeer van doet, maar zijn stramme pootjes houdt ie daarbij stijf, terwijl dat nou juist niet moet.” Gevolg: drie ogenschijnlijk vermijdbare, doch ook ongelukkige, tegengoals binnen afzienbare tijd. Invaller doelman Arjan Redt drie keer kansloos. Niets ten nadele van de voortreffelijk keepende Arjan, maar het deed me persoonlijk een beetje denken aan onze andere invaller doelman Benny. Benny kreeg ook zo vaak schoten van rond of buiten de zestien om zijn omvangrijke oren. Schot op doel, Benny ietsjes door de kalverknieën met zijn Dutchies in de braggel, het leer suist rakelings langs Benny, Benny (niet geheel geholpen door de wet van Newton natuurlijk, dat moet gezegd) blijft totaal, maar dan ook totaal bewegingsloos staan, doelpunt tegen, weer op achterstand, teleurstelling alom en Benny wanhopig met zijn handen richting onze almachtige Lieve Heer. Alsof die er wat aan kon doen.

 

Met nog zo’n twintig minuten op de klok lagen de kaarten plots geheel anders op tafel. Prettige bijkomstigheid bij het onophoudelijk gemopper van de Godenzondes was dat de (overigens zwak) fluitende arbiter daar zo flauw van werd, dat hij de partij doodleuk ongeveer tien minuten eerder beëindigde. Zijn vermoedelijk beste actie van de dag, want het leek me bepaald niet in het nadeel van de Godenzondes, maar er was hoe dan ook toch niemand die zich er echt druk om maakte, ook niet bij de Gasselternijveners. Dat hoort ook niet bij voetballen in de reserve derde klasse F. Dat gaat immers toch nooit ergens over. Ja, Romano uit het Westen reageerde met ogenschijnlijk enige verbolgenheid, maar die wordt al sinds kerst 1998 niet meer serieus genomen, ik memoreerde het al vaker. Eindstand 3-3.

 

Volgende week zijn we vrij, over twee weken mogen we alweer thuis aantreden. Dan ontvangen we de loopgrage knuppeltjes van W.V.V. 2. Hopen dat de meeste darmkrampjes dan inmiddels zijn uitgepoept...........................................

 

Opstelling Godenzondes:

Arjan Redt, Wim Reer, Nonko Huttinga, René Oetdhaaijer, Erik Rouppé (46. Janske Zwaarman), Wubbo Z-side Mulder, Mauro Badpak, Graatje Dekker, Zijne Excellentie de heer Van Bree, Heppie Friet, Romano uit het Westen

 

Statistieken:

Toeschouwers: 18.

Godenzonde of the match: Arjan Redt (net as vrouger).

Citaat van de dag: “Mijn nederige excuses lieve scheidsrechter, ik doe het nooit weer” (Wubbo Z-side Mulder meteen na de wedstrijd).

 

Erik Rouppé





30 oktober 2011

 

Navenante najaarsdip Godenzondes

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,……………….soms niet.

Goed, waar waren we ook alweer gebleven. Oh ja, 2 oktober jongstleden, uitwedstrijd op kunstgras tegen de postnatale pubers van Haren 2, eclatante overwinning, prachtig najaarsweertje, vier wedstrijden gespeeld, tien punten, koploper in de reserve derde klasse F, HOSANNA! Maar dat is een slordige achtentwintig dagen en drie competitiewedstrijden geleden. Ik kan u inmiddels meedelen dat er ondanks de herfst in die achtentwintig dagen met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid het nodige is gegroeid in de omgeving van Veelerveen en/of Vriescheloo. Wat dat dan eventueel zou kunnen zijn, laat ik aan uw eigen fantasierijke denkbeelden over, maar ons puntentotaal is het in ieder geval niet. Drie keer op een rij kregen de mannen van Zijne Excellentie de heer Van Bree ongenadig hard op de Goddelijke testikels. Kloten dus. “Ha, vandaar dat er geen verslagen meer werden geschreven zeker!!”, ik hoor het u bijna zeggen. Het is me in feite ook al een keer of vierhondervijfendertig gevraagd gedurende de voorbije dagen. Een ieder weldenkend mens die mij een beetje kent, een enkele verdwaalde blondine en Steven Mb Sonnema als altijd dus daargelaten, weet echter wel dat dit bij mij nooit en te nimmer een reden zal zijn. Voetballen en er vervolgens over schrijven zijn wat mij betreft twee bevredigende disciplines, die hoegenaamd niets met elkaar te maken hebben. Hoe gek dat wellicht voor de meesten onder u ook klinkt. Het is in ieder geval wel mooi om te vernemen dat mijn geschiedschrijvingen zo nu en dan gemist worden.

 

Veelerveen 2 – P.J.C. 2; eindstand 1-3.

De wedstrijd tegen onze eeuwige angstgegner P.J.C. 2 ging helaas ook nu weer verloren. Voor het eerst in de competitie een veldoverwicht gedurende bijna de hele wedstrijd, veel gemiste kansen, twee verdwaalde Nieuwpekelder zondagsschoten en één ongelukkig eigen doelpunt vormden de ingrediënten van deze uiterst zure pot. Ach, ik had het u van te voren kunnen vertellen. Tegen P.J.C. 2 is dit immers traditie en tradities moeten in stand worden gehouden.

 

Muntendam 2 – Veelerveen 2; eindstand 4-1.

Eigenlijk waren we voor aanvang van deze wedstrijd al kansloos. De hele wedstrijd – van begin tot einde – voelde als een zeer naargeestige droom. De meesten onder ons, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, zagen het na de donderdagtraining al niet zitten. De nachtmerrie was zo dat onze keeper Cherjan vier keer tamelijk kansloos de trieste gang naar het net moest maken en dat de tegengoal theoretisch gezien nog een eigen doelpunt was ook. Al met al hadden we net zo goed thuis kunnen blijven.

 

Veelerveen 2 – Veendam 1894 3; eindstand 2-8.

Dat de wedstrijd tegen de vitale opa’s van Veendam 1894 een lastige zou worden wisten we op voorhand, helemaal toen onze coach Zijne Excellentie de heer Van Bree weer eens een keer te maken kreeg met een aantal late afzeggingen, maar dat het zo dramatisch zou aflopen hadden waarschijnlijk slechts weinig Godenzondes voorzien.

De bedoelingen van de Veendammer Bertoli-boys werden onder aanvoering van de voor onze begrippen zeer dynamische middenvelder Van der Laan meteen duidelijk. Terwijl wij nog met onze gedachten bij onze gebruikelijke warming-up waren (beetje napraten over het late Journaal van de zaterdagavond, af en toe een bal op het dak van de kantine rossen, beetje met Riko lullen, tabakje roken en een enkeling die zo maar zonder aanwijsbare reden zijn pas bijgewerkte bikinilijn toont) voetbalden de Veendammer mannen zich in no-time naar een comfortabele 0-3 voorsprong. Eerst krulde eerdergenoemde Van der Laan een vrije trap in de kruising en vervolgens prikte spits Van Delden twee keer tamelijk ongehinderd raak en wij konden daar bijzonder weinig tegenover stellen. Wedstrijd, of sterker nog, competitie gespeeld voor de Godenzondes. Toch kwamen we nog voor de thee enigszins terug in de wedstrijd, met als gevolg een goed uitgespeelde treffer via Graatje Dekker en Romano uit het Westen. Heppie Friet vormde het eindstation en schoof van dichtbij binnen, 1-3.

 

Ondanks de veel te vroege 1-4 van Tjecholev Tokromo (ik wilde u die prachtige naam niet onthouden) na de rust, leken we de opwaartse lijn van de laatste fase voor de thee door te kunnen trekken. Door een tactische omzetting kregen we wat meer grip op de wedstrijd en het gevolg was een aantal doelrijpe kansen. De 2-4 viel echter door een enorme blunder in de Veendammer defensie. Romano uit het Westen ontfutselde de bal van aanvoerder De Jonge, omspeelde de keeper en werkte beheerst binnen. In de fase die daarop volgde kopte Wim Reer op de lat en schoot invaller Zijne Excellentie de heer Van Bree vrij voor de Veendammer doelman voorlangs. Ja, dat leest u goed, invaller Zijne Excellentie de heer Van Bree. Na een zware knieblessure maakte hij na bijna twee jaar afwezigheid zijn rentree binnen de lijnen. Hij had zich dus meteen onsterfelijk kunnen maken, maar gelukkig hebben ook Excellenties het eeuwige leven niet en vertonen ze zo nu en dan wat menselijke trekjes. Wat nou als Wim en Zijne Excell……

 

Wie anders dan Veendam-middenvelder Van der Laan maakte aan alle Godenzonder illusies een meedogenloos einde. Hij was zijn directe tegenstander Alwin v/d Boom één momentje na de thee te snel af, slalomde als Pirmin Zurbriggen in zijn beste dagen door de Godenzonder verdediging en stormde alleen op onze doelman Cherjan af. Cherjan daarentegen stormde op zijn beurt op Veendammer wervelwind Van der Laan af, Van der Laan plat op de bek in onze zestien, Cherjan rood, pennel, 2-5, einde oefening. Het deed me een beetje denken aan onze voormalige doelman Dik Lee Steunkous. Dik rotkreupelde ook zo vaak als een met gekke-koeienziekte besmette Hongaars Steppenrund uit zijn goal. Alleen rende Dik meestal richting de zijlijn, waardoor hij keer op keer met zijn bolle plaat tegen zijn eigen doelpaal opliep. Doel scheef, Dik kopzere, wij weer op achterstand. Heppie Friet werd gelukkig bereid gevonden de wedstrijd onder de lat te volbrengen. Die keus was trouwens redelijk rap gemaakt; pinguïns zijn immers goed getrainde vissers. En vissen, dat moest hij. Vier keer binnen een kwartier, inclusief de toegekende strafschop, mocht Heppie de trieste gang naar het net maken en een nederlaag met dubbele cijfers leek toen in de maak. Zo ver kwam het uiteindelijk niet. Het bleef bij een overigens niet minder smadelijke 2-8 afdroogpartij.

 

Zo, het seizoen zit er op. De achterstand op de koplopers lijkt immers, mede gezien de krachtsverhoudingen, tamelijk onoverbrugbaar, de snotneuzen van de vv Haren 2 staan stijf onderaan met het unieke puntenaantal van minus twee, dus degraderen zal ook moeilijk worden en aan tussenbalansen in de vorm van periodetitels wordt niet gedaan. We zouden de rest van het seizoen derhalve in theorie met een paar eenvoudige telefoontjes af kunnen doen, ware het niet dat zelfs een doorsnee Godenzonde uitpuilt van de continu door zijn hele lijf gierende geldingsdrang. Voor wie dat dan ook in hemelsnaam moge zijn. Een eeuwenoude Godenzonder gezegde luidt dan ook: “Lijkt de Godenzonder strijd gestreden, al halverwege het seizoen, zou menig voetbalelftal het restant schriftelijk af willen doen, kent u de Godenzondes nog niet goed, Trahimur omnes laudis studio zit ze namelijk in hun bloed, zelfs tot ver in de derde helft, wanneer dat moet”……………….

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Wim Reer, Nonko Huttinga, Erik Rouppé, Wubbo Z-side Mulder, Aaron Armando Ammersken (46. Zijne Excellentie de heer Van Bree), Alwin v/d Boom, Graatje Dekker, Rossie Moed, Heppie Friet, Romano uit het Westen

 

Statistieken:

Toeschouwers: 36 enthousiastelingen (Steven Mb Sonnema was er niet).

Godenzonde of the match: Zijne Excellentie de heer Van Bree (bijna onsterfbaar).

Citaat van de dag: “Ik ben de enige Veelerveen-speler zonder ook maar één punt” (Wubbo Z-side Mulder nadat hij te horen kreeg dat Veelerveen 3 voor het eerst wist te winnen dit seizoen, zonder hem).

 

Erik Rouppé





02 oktober 2011

 

Godenzondes denderen onverdroten verder

 

Soms is bier om kwart voor één in de middag lekker,…………………..soms niet.

Hoe Hij het voor elkaar heeft gekregen zal voor mij altijd een groot mysterie blijven, en waarschijnlijk ook voor Hem zelf, maar feit is dat Zijne Excellentie de heer Van Bree de antieke roestige, doorgaans hortende en stotende diesellocomotief genaamd Godenzondes aardig op de rails lijkt te hebben zo vroeg in het seizoen, en dat is nog een understatement ook. Nu weer werd het jonge vv Haren 2 aan het antieke zegekarretje gehangen. Op het zonovergoten kunstgras van Haren werd het maar liefst 2-7. Wie daar van te voren op zou hebben ingezet, zou onmiddellijk zijn opgepakt door twee geleerd uitziende mannen met brillen op, in lange witte jassen met stethoscopen om de nek en dwangbuizen in de aanslag en zou zijn opgenomen in de recent door Wim Reer vrijgemaakte plaats in Licht en Kracht. Of je naam moet Steven Mb Sonnema zijn.

 

Over Licht en Kracht en Steven Mb Sonnema gesproken………..het had maar zeer weinig gescheeld of we hadden noodgedwongen met slechts acht spelers aan moeten treden in Haren tegen de plaatselijke VV. Ik werd persoonlijk al bij het vertrek in Veelerveen een beetje onrustig toen Steven (voor de gelegenheid een keertje niet hevig riekend uit zijn muil en/of poriën naar een overdosis Harpic Max in de vroege ochtend) vertelde dat hij onderweg nog moest tanken. De Godenzondes wachten op niemand en Steven was tot zondag op eigen houtje namelijk nog nooit verder gekomen dan de pomp van Rendering aan de Schoolstraat in Vlagtwedde. Hij had er dus geen flauwe notie van waar het mondaine, maar immer pittoreske Haren ligt. Toen we een uurtje later in Haren dan ook uit de bolide van onze kalklijnwimpelaar Adriaan stapten, waren de heren Steven Mb Sonnema, Martin Oprisping en Nonko Huttinga natuurlijk in geen velden of wegen te bekennen. Teamchef Van Bree na een minuut of twintig maar eens bellen: “Steven, verdomme, waar zitten jullie?” “Wat zeg je?” “Martin is een plaaze?” “Ja, dat weten we allemaal wel, maar is dat nu van belang?”. “Oh, wat zeg je…… MARTINIPLAZA????” “Draai als de donder die Lupo om, neem afslag Westerbroek en rij via Waterhuizen naar Haren!!”. “Onder het spoor door en dan rechts, zo moeilijk is dat toch niet?”

Steven verklaarde later dat hij tevergeefs een afslag “Haren” had verwacht op de A7. Ziet u ze al rijden? Drie uit de Veelervener kluiten gewassen, ongeschoren, naar shag, knoflooksaus, bier en katerzweet ruikende mannen in een beetje te krappe mooiemeisjesauto op zondagochtend ergens tussen Littenseradiel en Wommels, ver voorbij Drachten: “Weet u waar het veld van de vv Haren is?” Een willekeurige verbaasde Friese voorbijganger (vermoedelijk boer): “Wat zeist?” Steven weer: “Nee jong, Haren, wij zijn de Godenzondes, wij zijn het Nederlands Elftal niet!” Steven die het raampje een beetje minzaam grinnikend weer dicht doet en zijn tocht niets vermoedend maar weer vervolgt richting de Friese westkust. Gelukkig hebben we Zijne Excellentie Van Bree.

 

Zoals eigenlijk elke week hadden we het met zijn elven in het begin van de wedstrijd niet gemakkelijk tegen de jongetjes van vv Haren 2. Barstend van het geloof in eigen kunnen probeerden ze ons op eigen helft vast te pinnen, maar het spel van de jonkies was te slordig om echt gevaarlijk te kunnen worden. Bovendien laat een echte Godenzonde zich misschien wel vastpinnen op eigen helft, maar dat blijft dan nooit zonder gevolgen. Een oude Veelervener gezegde luidt dan ook: “Poogt gij oude geslepen Godenzondes iets te enthousiast op eigen speelhelft vast te pinnen, wordt men telkenmale zeer naargeestig verrast en kan gij weer aan den aftrap gaan beginnen”. Een prachtige aanval uit het boekje via Graatje Dekker, Romano uit het Westen en Heppie Friet leverde de 0-1 in ons voordeel op. Laatstgenoemde tikte van dichtbij moeiteloos binnen. Niet gek veel later werd het zelfs 0-2 door een prachtig doelpunt van onze nieuwbakken balillusionist Martin Oprisping. Martin werd door Rossie Moed diep gestuurd over de linker flank, snelde zijn directe tegenstander voorbij en verraste de Harense doelman door in de verre hoek knap raak te schieten. Ook na deze domper was het zelfvertrouwen bij de Harense jongetjes nog niet geknakt en gingen ze verder met waar ze twintig minuten daarvoor aan begonnen waren: onzorgvuldig aanvallen en in onze messcherpe counters lopen. Het werd 0-3 uit een corner. Heppie Friet zette voor en Romano uit het Westen knikte vrijstaand binnen. Op slag van rust viel echter de 1-3. Onze doelman Cherjan was kansloos toen een Harense voorwaarts een lage voorzet binnen wist te lopen. Rust 1-3.

 

Tijdens de rust heerste er tevredenheid alom. Een 1-3 voorsprong is redelijk riant, maar het merendeel van de brigade van Zijne Excellentie Van Bree was er nog lang niet gerust op. Terecht overigens, aangezien Godenzonder wegen nooit te doorgronden zijn. Nu dus ook niet. Graatje Dekker merkte dan ook terecht op: “Jongens denk om dei eerste vief’nvattig minuut’n noa de rust, dei binn’n veur ons altied het gevoarlekst.”

 

Al gauw bleek echter dat wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, ook in het tweede bedrijf de nodige kansen zouden krijgen. Eén daarvan werd op traditionele wijze door Graatje Dekker binnengekiezeld. Man uitkappen, halve draai, diagonale BOEM, 1-4, verzet gebroken, wedstrijd gespeeld. We liepen vervolgens gladjes uit naar een 1-6 voorsprong. Eerst was het Wim Reer die een afgeslagen corner met een heuse Beb Bakhuys snoekduik binnenkopte en niet veel later prikte Heppie Friet alleen voor de keeper raak. Vijf minuten voor het verstrijken van de officiële speeltijd viel plotseling de 2-6, waardoor het voor sommige blondines langs de kant nog even spannend werd, maar Martin Oprisping en Romano uit het Westen maakten in blessuretijd aan die spaarzame geblondeerde onzekerheid een resoluut einde. Martin leek op de rand van de zestien een vrije trap over de muur te willen krullen maar speelde heel geniepig, onder de opspringende muur door, de totaal vrijstaande Romano uit het Westen aan. Eindstand 2-7.

 

Het is niet zo dat we ineens de pannetjes van het dak spelen of zo, maar het lijkt wel of we bij vlagen met ons verstand lopen te voetballen. Dat zal toch niet waar zijn? Zal Zijne Excellentie de heer Van Bree het voor elkaar hebben gekregen? Ik geloof er eerlijk gezegd geen snars van.

 

Een hoofdrol na de wedstrijd was er weggelegd voor onze aanwinst Heppie Friet. Heppie bestelde namelijk als de figuurlijke kers op de taart tot twee keer toe een schaal met samengeperste paardenuiers, verpakt in een bruin laagje nog ergere troep in de vorm van een dozijn frikandellen met mayonaise en curry. En toen schoot ik vol, ik was Bennie klaarblijkelijk nog niet helemaal vergeten…...

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Wim Reer, Nonko Huttinga, Steven Mb Sonnema, Erik Rouppé, Aaron Armando Ammersken, Romano uit het Westen, Graatje Dekker, Rossie Moed, Heppie Friet, Martin Oprisping

 

Statistieken:

Toeschouwers: 24

Godenzonde of the match: Aaron Armando Ammersken (onverwoestbaar)

Citaat van de dag: “Daar gaan we Ad!” (Romano uit het Westen op de A7 in de goede richting)

 

Erik Rouppé




25 september 2011

 

Godenzondes pakken koppositie in reserve derde klasse F!

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,…………soms niet.

Het was vermoedelijk ongeveer een kleine twintig minuten voor aanvang van de wedstrijd Veelerveen 2 – Bellingwolde 2 toen succescoach Van Bree op het punt stond om zijn opstelling van de ochtend bekend te maken, totdat iemand op het allerlaatste moment opmerkte dat Steven Mb Sonnema nog niet op het sportpark was gesignaleerd, ook niet tussen de snel aanzwellende mensenmassa langs de lijn. “Jongens, waar is Steven?” Nergens te bekennen. Een snel telefoontje leerde ons dat hij voor het laatst ongeveer rond zeven uur in de ochtend (!) gezien was aan de pomp bij de firma Rendering in Vlagtwedde. Grode, grode, grode, grode kounavvel. “Steven, kom als de sodemieter naar het voetbalveld, eerst wissel.” Tijdens onze immer inspirerende warming-up (beetje ouwehoeren over wie de grootste piemel heeft, Heppie Friet die zich werkelijk waar met droge ogen afvraagt waarom hij Heppie Friet heet, een aantal Godenzondes dat bij elkaar staat op te scheppen over het geconsumeerde aantal glazen bier op de zaterdagavond, een ander die een minuut of vijf ergens in de struiken staat te urineren en zo nu en dan is er iemand die de bal onachtzaam in het Ruiten Aa Kanaal poeiert) kwam ineens onze vriend Steven Mb Sonnema om de hoek zeilen. Luidkeels zingend parkeerde hij zijn fiets achter de kantine, om vervolgens zo snel mogelijk midden door onze in volle gang zijnde warming-up het veld op te struikelen. Daarna gaf hij iedereen persoonlijk een warme handdruk en heette ons allemaal van harte welkom. Ganzehaals. De lucht die daarbij via zijn strottenhoofd en pas aangemeten nieuw gebitje uit zijn lichaam naar buiten kwam, deed vermoeden dat hij nog niet zo lang geleden een litertje of drie wc-eend ergens uit de één of andere Vlagtwedder pisbak had staan slobberen. Het was hem na de twee treffers uit tegen B.N.C. 2 klaarblijkelijk ook nog in zijn toch al niet zo rijk gevulde hersenpan geslagen.

 

Voordat de weer steeds vaker opduikende Veelerveen-legende Big Henk G. auβ Prüsen een plaatsje langs het veld had weten te bemachtigen stond er een 1-1 tussenstand op het scorebord. De 0-1 ontstond doordat Bellingwolde-aanvaller Robin Volders binnen de zestien geheel vrij mocht aanleggen. Cherjan ondernam nog een ultieme poging, maar was al achterovervallend kansloos. Onze eerste de beste fatsoenlijke tegenaanval vanaf de aftrap na de 0-1, bood echter meteen soelaas. Joan Salami vormde het eindstation en vrij voor doelman Westers rondde hij bekwaam af. Nog voordat er een kwartier gespeeld was stond het daarna ook alweer 1-2. Een vlammend diagonaal schot verdween via de onderkant van de lat over de pijpenkrulletjes van Cherjan in het doel. Daarna kalmeerde het scoreverloop enigszins. Gelukkig maar, want anders was het ongeveer 16-16 geworden en schrijf daar maar eens een kwalitatief acceptabel verslag over, maar dit geheel terzijde. Op slag van rust kwamen we weer op gelijke hoogte. Graatje Dekker haalde verwoestend uit, zoals eigenlijk alleen Graatje dat kan. Rust, 2-2.

 

Tijdens de rust weer onze vaste rituelen, u kent ze inmiddels. Romano en Cherjan die ieder een peukje of vier binnen een kwartier oplichten, Steven Mb Sonnema die door een wat ongecontroleerde natte bierwind zijn Sloggi per abuis vol schijt en ik begon me langzaam maar zeker te beseffen dat de letterlijke leegte in de kleedkamer over het gemis van onze voormalige doelman Bennie, zoals ik die nog zo intens voelde in Finsterwolde, wat begon af te nemen. U weet wel, Bennie die al sinds mensenheugenis op zondag pal na elke gespeelde wedstrijd een ongelofelijke hoeveelheid ondefinieerbare stinkende vette gefrituurde speenvarkenbaggerzooi met mayonaise naar binnen staat te duwen, in de vorm van pislauwwarme frituurhapjes uit de vetpan van ome Jan en tante Tiny.

 

Was de eerste helft misschien licht in het voordeel van onze gasten uit Bellingwolde, naarmate de tweede helft vorderde probeerden wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, de pot meer en meer naar ons toe te trekken en toch was het Bellingwolde 2 dat weer op voorsprong kwam. Spits en aanvoerder Patrick kroop bij een voorzet van onze linker flank voor Wim Reer en werkte van dichtbij binnen. “Ik heb die nooit vernoom’, Patrick!”, riep Wim meteen na de goal, maar dat geloofde natuurlijk geen hond. Spits en aanvoerder Patrick is namelijk ruim twee meter twaalf en lult aan één stuk door tijdens de wedstrijd. Als Wim hem inderdaad niet heeft gezien (die kans is overigens best reëel met een afwijking van -3, zonder bril of lenzen) moet hij hem sowieso hebben gehoord. Maar net als bij de eerste tegengoal toonden we meteen veerkracht en wederom was het Graatje Dekker die de stand rechttrok. Hij kapte zich eerst sierlijk vrij, produceerde een fraai pirouetje en pegelde hard en diagonaal raak.

In de slotfase had het nog alle kanten opgekund. Eerst tikte onze doelman Cherjan een kopbal met een formidabele reflex uit de benedenhoek en vervolgens ontbeerden respectievelijk Heppie Friet en Romano uit het Westen het nodige geluk aan de andere kant. Eindstand 3-3.

 

Ondanks het puntverlies nemen we voor het eerst in de geschiedenis de koppositie in de reserve derde klasse F, mede omdat concurrent en torenhoog favoriet voor de titel Veendam 1894 3 niet in actie hoefde te komen. Hoe dan ook een zeer gedenkwaardig moment voor alle Godenzondes.

Volgende week uit naar Haren 2. Voor ons andermaal een totaal onbekende tegenstander, maar op voorhand naar alle waarschijnlijkheid bepaald géén sinecure. Aan de andere kant maakt onbekend, zoals al eerder gememoreerd, tevens onbevangen…..

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Wim Reer, Nonko Huttinga, Alwin v/d Boom, Erik Rouppé, Aaron Ammersken, Romano uit het Westen, Graatje Dekker, Rossie Moed, Joan Salami (46. Steven Mb Sonnema), Heppie Friet

 

Statistieken:

Toeschouwers: 32

Godenzonde of the match: Graatje Dekker (drinkt liters water en wordt met de week fitter)

Citaat van de dag: “Wie woit’n het allemoal en toch…. (Bellingwolde 2 over Graatje’s vuurkracht)

 

Erik Rouppé





18 september 2011

 

Hotsknotsbegoniatoevalvoetbal, maar wél drie punten Godenzondes

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,….....................….soms niet.

B.N.C. 2 uit, de laatste keer dat wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, in competitieverband uitkwamen in Finsterwolde tegen de Bravery Nova Zembla Combinatie is al heel lang geleden. Misschien al wel zo lang geleden dat wellicht toentertijd het overgrote merendeel der Godenzondes nog helemaal geen Godenzonde was. In de tijd dat Wim Reer en Romano uit het Westen dus nog niet kreupel waren en/of grijs, toen Aaron Ammersken en Joan Salami nog met poppen speelden en er van overtuigd waren dat Sinterklaas gedurende het hele jaar, op een drietal weekjes na, in Madrid woont. Ik kan me er in ieder geval niets meer van heugen, alhoewel dit bij nader inzien na een dag of één ook al problematisch wordt bij mij, ik weet het. Onbekende tegenstander zogezegd, maar onbekend maakt onbevangen.

 

De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat het prille begin van de wedstrijd het aanschouwen nog wel waard was. Af en toe ging de bal van voet naar voet. Dat wil zeggen: er werd van beide kanten duidelijk geprobeerd de bal met voorbedachten rade naar een medespeler te schieten. Toch luidde dom balverlies aan Finnewolmer zijde het eerste doelpunt in. Steven Mb Sonnema, lastig als altijd, overal en voor iedereen, veroverde de bal, dribbelde een meter of dertig alleen op het vijandelijke doel af en rondde in twee instanties af, 0-1. Steven verklaarde later dat hij nogal onzeker werd gedurende de dribbel omdat hij te veel tijd zou hebben gehad om na te denken, terwijl de meeste acties van Steven op elk willekeurig voetbalveld toch altijd alle schijn wekken doorspekt te zijn van een redelijke mate van “niet nadenken, maar rauzen”. Opmerkelijk.

Gaandeweg de eerste helft daalde het niveau van de wedstrijd aanzienlijk. Zowel B.N.C. 2 als de Godenzondes leden bij grote voortduring balverlies, waardoor een goed uitgespeelde aanval een utopie leek te zijn. Niet geheel toevallig viel de gelijkmaker dan ook uit een strafschop. Joan Salami leek een dieptepass binnen de clichématig beruchte lijnen te kunnen onderscheppen, maar verslikte zich enigszins in het leer. Hij tastte half mis en werkte vervolgens zijn tegenstander onreglementair tegen de vlakte. Grode, grode kaalf. Pennel, bal rechts van Cherjan, Cherjan natuurlijk weer naar links, 1-1.

Onze nieuwe aanwinst Heppie Friet had ons daarna nog voor de thee weer op voorsprong kunnen brengen, maar zijn flippers stonden niet helemaal goed gekalibreerd. Alle drie zijn riante scoringsmogelijkheden verdwenen in de richting van Nova Zembla of in ieder geval ergens in de richting van de kantine van B.N.C. en die staat niet achter het doel. Een beetje pinguïn houdt natuurlijk ook helemaal niet van een bollend net, maar dit terzijde. Rust, 1-1.

 

Tijdens de rust voelde ik persoonlijk een enorme leegte in de kleedkamer. Ik begon er over na te denken. Kwam het door het matig vertoonde spel? Kwam het door de ongelukkige tegentreffer? Was het de grote onzekerheid over het verdere verloop van de wedstrijd die zich plots van mij meester maakte? Ik staarde wat voor me uit en zag tussen twee medespelers door een grote kleedkamermuur van onder naar boven wit betegeld. Langzaam telde ik de wandtegeltjes en ineens wist ik het. Die grote lege witte vlakte was de plek waar onze invaller doelman Bennie had kunnen zitten. De leegte die ik voelde was dus letterlijk! Ik miste Bennie!! U weet wel, Bennie die op geheel eigen wijze het ultieme Godenzonder postuur heeft weten te verwerven door elke week pal na de wedstrijd een driedubbele portie gefrituurde zwienesmurrie met mayonaise te verorberen in de vorm van kant-en-klare minisnacks met saus, wanneer de oververhitte saus of smurrie van een gemiddelde Godenzonde nog volledig dient te desublimeren.

 

Het spelpeil in het tweede bedrijf werd zo mogelijk nog bedroevender. Zelfs een simpel passje over drie meter bleek vaak een te grote opgave. Ik zou me niet aan de indruk willen onttrekken dat een gedeelte van onze trouwe supportersschare grote gedeeltes van de wedstrijd na de thee met de ogen dichtgeknepen langs de kant stond. Oogverblindend voetbal zou je het kunnen noemen, maar dan in de minst complimenteuze zin van het woord. De enige die voor gevaar wist te zorgen was onze jonge windhond Joan Salami. Maar dan ook meteen aan beide kanten. Joan legt vaak veel risico in zijn spel, zoals het een Jonge God ook betaamt, maar leed daardoor wel een tweetal keren balverlies waardoor B.N.C. 2 gevaarlijk kon worden. Aan de andere kant penetreerde hij een aantal keren langs onze linker kant door de Finnewolmer defensie en bezorgde hij ons indirect de overwinning. Na een uitstekende actie van Joan wist andermaal Steven Mb Sonnema raak te prikken. En weer moest het in twee instanties. In dit geval maar goed ook, aangezien instantie één ergens in het Oldambtmeer zou zijn beland als zijn inzet niet geblokt zou zijn. De laatste tien minuten hielden wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, betrekkelijk eenvoudig, maar soms ook met een beetje fortuin, stand. Eindstand 1-2.

 

Twee wedstrijden, zes punten, af en toe belabberd voetbal, af en toe ook niet, weinig kansen weggegeven, voorlopig tweede plek op de ranglijst, volgende week Bellingwolde 2, u hoort mij helemaal niet klagen en zeker niets voorspellen…....

 

 

Opstelling Godenzondes:

Cherjan de Wit, Wim Reer, Nonko Huttinga, Alwin v/d Boom, Erik Rouppé, Aaron Ammersken, Steven Mb Sonnema, Graatje Dekker, Joan Salami, Romano uit het Westen, Heppie Friet (46. Rossie Moed)

 

Statistieken:

Toeschouwers: 26

Godenzonde of the match: Steven Mb Sonnema (zonder na te denken)

Citaat van de dag: “Gaaauw vergeet’n, drei punt’n in de buutse, potje biertje en noar hoes” (een ieder)

 

Erik Rouppé





11 september 2011

 

Onnavolgbare pikstart Godenzondes

 

Soms is bier om kwart voor twaalf in de morgen lekker,………………....…soms niet.
 We mogen weer, echt wel, we zijn weer los! Graszorren weer in de boksem, kalksputters aan de schenen, strakke rugdekking, met de punt naar voren, bokkie staan, op het scherpst van de snede, bloed weer aan de paal, blubber in de bek, eindelijk maar toch, LEKKER HOOR!! Voetbaljaargang 2011 – 2012 is van start gegaan. En wat voor een start, maar daarover straks meer.

 

Eerst moet ik nog even de personele mutaties en de daaraan gerelateerde prognoses voor het pas gestarte voetbalseizoen met u delen. Om nogal uiteenlopende redenen kunt u een streep zetten door de volgend jeugdige ex-Godenzondes: Michael Speedchicken, Gerard Flintstone Strik en Nino Draaibaar (voor alle blondines en Steven Mb Sonnema: dit is figuurlijk bedoeld, niet op je beeldscherm of in de VVV-Nieuws gaan kliederen!). Een met recht gemêleerd gezelschap, maar bovenal een fikse aderlating voor onze koningskoppel Van Bree/ Van Bree. Michael en Gerard kozen voor een overgang naar het bijna leukste voetbalteam van Groningen, De Lethe A2 en Nino werd reeds ruim voor het sluiten van de transfermarkt gecontracteerd door carnavalsvereniging De Kloosterwiekers uit het clowneske Ter Apel. Volstrekt niet serieus te nemen dus, maar voor onze allesbehalve prettig. Ter compensatie van het vertrek van voornoemde ex-Godenzondes werd Wim Reer na een revalidatieperiode van een maandje of tien weer uit verzorgingstehuis Licht & Kracht getrokken en mochten we Peter Vrieze aan onze selectie toevoegen. Peter komt na een decenniaatje of anderhalf wikken en wegen over van de Witte Muizen uit Blijham. Peter is bijzonder handig met een bal, heeft een klein maar zeer fraai bierpokkeltje verworven in de loop der jaren, zoals het een echte Godenzonde betaamt, maar is voor onze begrippen buitengewoon lichtvoetig. Heppie Friet zou ik hem voortaan willen noemen, refererend aan de wereldberoemde ondernemende lichtvoetige aimabele, maar inmiddels zoekgeraakte pinguïn Happy Feet. De gelijkenis is immers treffend. Peter heeft alleen wat meer krullen. Tot slot de prognose voor het seizoen 2011-2012: God mag weten hoe het afloopt, het kan alle kanten uit, voetbal is soms een raar spelletje, maar verwacht er nou niet te veel van, of misschien toch ook weer wel. Van belang is het in ieder geval nooit. Duidelijk?

 

Al gedurende de warming-up (voor ons is dat af en toe een bal de bosjes in rossen, meerdere sigaretjes opsteken, één bolknak, liters Pferdebalsem op de poten en een beetje roerloos dom staan lullen met twee handen in de broek tussen 9.54 en 9.58 uur) dachten Graatje Dekker en ik te kunnen waarnemen dat H.S.C. 2 wellicht niet de tegenstander zou zijn van het door ons zo moeilijk te slechten kaliber, zoals H.S.C. 2 in het verleden regelmatig bleek te zijn. De leeftijdsgrens leek, om een voorbeeld te noemen, nogal gestegen te zijn bij de Kraaien uit Sappemeer. We durfden er echter vooralsnog verder met niemand over te praten.

Ondanks bovengenoemd waardeoordeel waren we bepaald niet de bovenliggende partij in de beginfase van de wedstrijd. H.S.C. 2 had veruit het meeste balbezit en poogde verwoed de openingstreffer te forceren, zonder daarbij echt dreigend te worden overigens. Als wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, eens een keer de bal hadden waren we hem zo snel weer kwijt dat je gewoon geen tijd gegund werd om je aan te bieden of vrij te lopen. En zo maar ineens tegen de verhoudingen in stonden we in een oogwenk met 2-0 voor. Eerst was het Romano uit het Westen die na een fraaie individuele actie beheerst binnenschoot en vervolgens verraste Heppie Friet met een uiterste krachtsinspanning de Sappemeerster doelman. Hij werkte een prachtige lange bal van Graatje Dekker met een drietal ponyharen binnen. Dat het daarna voor de rust zelfs 3-0 werd door andermaal Heppie Friet, na ongelukkig uitverdedigen van HSC-aanvoerder Erik Boskamp, had werkelijk niemand voor mogelijk gehouden. Zelfs de Sappemeersters niet. Rust 3-0.

 

Ook in het seizoen 2011-2012 worden de traditionele Godenzonder rusthandelingen in stand gehouden, het zal u niet verrassen. Bakje thee, sjekkie of zes, bierwinden te over, diepgaande overpeinzingen over onder andere de €urocrisis en onze invaller doelman Bennie die er hardop over nadenkt om deze keer een dubbele portie samengeklonterde slachtrotzooi in de vorm van culinair hoogstaande frituurhapjes te bestellen, direct na afloop van de wedstrijd wanneer het nog voelt alsof je endeldarm, appendix en maagzweer onbedoeld van plaats hebben gewisseld door de zojuist geleverde krachtsinspanningen. Geef mijn portie dan maar aan Bennie.

 

In de tweede helft veranderde er niet veel aan het wedstrijdbeeld. Het meeste balbezit voor H.S.C. 2, doch aanvallend tamelijk onmachtig, wij wel een handvol kansen en dus een aantal doelpunten. Een absolute hoofdrol was er na de thee weggelegd voor Graatje Dekker. Eerst rondde hij een weergaloze solo zelf af door het leer vanuit de draai van een meter of zestien in de kruising te rammen en niet veel later bracht hij Romano uit het Westen in stelling na een zeker niet minder mooie pingelactie. Eindstand 5-0(!).

 

Ja, u hebt het goed gelezen: wij, spelers van het tweede elftal van de voetbalvereniging Veelerveen, Godenzondes, hebben de eerste wedstrijd van het seizoen met liefst 5-0 gewonnen. Dat is bij mijn weten nog nooit gebeurd. Een ongekend frisse competitiestart voor de matadoren van Van Bree/ Van Bree. Onze lieve heer mag weten waar het ineens vandaan komt, maar lekker is het sowieso. In het kader van de prognostiek rees meteen wel weer de prangende vraag: “waren wij nou zo goed of waren zij nou zo slecht”. Volgende week naar Finnewolle tegen B.N.C. 2, dan zal er meer duidelijk worden. Of misschien juist ook weer niet……………………

 

Opstelling Godenzondes:

Invaller doelman Bennie, Wim Reer, Nonko Huttinga, Alwin v/d Boom, Erik Rouppé, Appie N. (46. Rik te Velde), Steven Mb Sonnema, Graatje Dekker, Rossie Moed, Romano uit het Westen, Heppie Friet

 

Statistieken:

Toeschouwers: 24

Godenzonde of the match: Graatje Dekker (staark aan de baale)

Citaat van de dag: “Steven na de rust even op het middenveld” (coach Van Bree/ stond hij al de hele eerste helft)

 

Erik Rouppé

Delen

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!